Dutch Legislation

Article 19.14

in force

Powers in exceptional circumstances · Gevaar voor waterstaatswerken

Environment and Planning Act · Chapter 19 · Section 19.4 · In force since 2024-01-01

Source
1.

The manager shall ensure that exercises are held in order to be able to act effectively in the event of a threat to water management works. The manager shall establish a contingency plan for the water management works, which complies with the rules laid down by order in council.

2.

The emergency plan shall be aligned with the crisis plans established for the relevant area, as referred to in Article 16 of the Safety Regions Act (Wet veiligheidsregio’s), and the disaster relief plans, as referred to in Article 17 of that Act.

3.

The boards of the safety regions in which the water management works are situated shall be given the opportunity to submit their views on the draft of the emergency plan.

1.

De beheerder zorgt voor het houden van oefeningen om doeltreffend te kunnen optreden bij gevaar voor waterstaatswerken. Hij stelt voor de waterstaatswerken een calamiteitenplan vast, dat voldoet aan bij algemene maatregel van bestuur gestelde regels.

2.

Het calamiteitenplan wordt afgestemd op de voor het betrokken gebied vastgestelde crisisplannen, bedoeld in artikel 16 van de Wet veiligheidsregio’s, en rampbestrijdingsplannen, bedoeld in artikel 17 van die wet.

3.

De besturen van de veiligheidsregio’s waarin de waterstaatswerken liggen, worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over het ontwerp van het calamiteitenplan naar voren te brengen.