Article 44
in forceThe States Parties undertake to submit to the Committee, through the intermediary of the Secretary-General of the United Nations, reports on the measures they have adopted which give effect to the rights recognised in this Convention and on the progress made in the enjoyment of those rights:
within two years after the entry into force of the Convention for the State Party concerned;
subsequently every five years.
The reports prepared pursuant to this Article shall indicate the factors and any difficulties affecting the fulfillment of the obligations under this Convention. The reports shall also contain sufficient information to provide the Committee with a clear insight into the application of the Convention in the country concerned.
A State Party which has submitted a comprehensive initial report to the Committee need not, in subsequent reports submitted by that State in accordance with paragraph 1, subparagraph (b), repeat basic data previously provided.
The Committee may request States Parties for further information relating to the application of the Convention.
The Committee shall submit to the General Assembly, through the Economic and Social Council, reports on its activities every two years.
The States Parties shall ensure that their reports are made widely available to the public in their own countries.
De Staten die partij zijn, nemen de verplichting op zich aan het Comité, door tussenkomst van de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, verslag uit te brengen over de door hen genomen maatregelen die uitvoering geven aan de in dit Verdrag erkende rechten, alsmede over de vooruitgang die is geboekt ten aanzien van het genot van die rechten:
binnen twee jaar na de inwerkingtreding van het Verdrag voor de betrokken Staat die partij is;
vervolgens iedere vijf jaar.
In de krachtens dit artikel opgestelde rapporten dienen de factoren en eventuele moeilijkheden te worden aangegeven die van invloed zijn op de nakoming van de verplichtingen krachtens dit Verdrag. De rapporten bevatten ook voldoende gegevens om het Comité een goed inzicht te verschaffen in de toepassing van het Verdrag in het desbetreffende land.
Een Staat die partij is die een uitvoerig eerste rapport aan het Comité heeft overgelegd, behoeft in de volgende rapporten die deze Staat in overeenstemming met het eerste lid, letter b, overlegt, basisgegevens die eerder zijn verstrekt, niet te herhalen.
Het Comité kan Staten die partij zijn verzoeken om nadere gegevens die verband houden met de toepassing van het Verdrag.
Het Comité legt aan de Algemene Vergadering, door tussenkomst van de Economische en Sociale Raad, iedere twee jaar rapporten over aangaande zijn werkzaamheden.
De Staten die partij zijn, dragen er zorg voor dat hun rapporten algemeen beschikbaar zijn in hun land.