Dutch Legislation

Article 35

in force

Liability · Liability

Tax Collection Act 1990 · Chapter VI · Section 1 · In force since 2007-01-01

Source
1.

The contractor is jointly and severally liable for the payroll tax:

a.

which the subcontractor and, if a work is carried out in whole or in part by one or more subsequent subcontractors, every subsequent subcontractor owes in connection with the performance of work by his employees in respect of that work;

b.

for the payment of which the subcontractor and, if a work is carried out in whole or in part by one or more subsequent subcontractors, every subsequent subcontractor is jointly and severally liable pursuant to Article 34 in respect of that work.

By way of derogation from Article 32, paragraph 2, the contractor is not liable for the administrative fine imposed in connection with the levying of wage tax.

2.

For the purposes of this Article, the following definitions apply:

a.

contractor: the person who undertakes towards another, the principal, to perform work of a material nature outside of an employment relationship for a price to be paid;

b.

subcontractor: the person who undertakes towards a contractor to perform, outside of an employment contract, the work referred to in point (a), in whole or in part, for a price to be paid.

3.

For the application of this article:

a.

the subcontractor shall be considered as a contractor in relation to his subcontractor;

b.

Equated to a contractor is the person who, without having received an order to that effect from a principal, performs work of a material nature outside of an employment relationship in the normal exercise of his business.

c.

The seller of a future good shall be considered a subcontractor in relation to the contractor, insofar as the purchase and sale arises from or is connected with the work referred to in paragraph 2, point (a).

4.

The preceding paragraphs do not apply:

a.

if a work, for the performance of which a subcontractor has committed himself towards a contractor, is carried out in whole or in large part at the place where the enterprise of the subcontractor is established, with the exception of the manufacturing and any act directed thereto of clothing, other than footwear, or

b.

if the performance of work to which a subcontractor has committed himself towards a contractor is subordinate to an agreement of sale and purchase of an existing object concluded between them.

5.

If a contractor, pursuant to an agreement with a subcontractor, has transferred an amount to an account held by that subcontractor for the purpose of paying wage tax and social security contributions relating to the work contracted out to that subcontractor, with a financial undertaking that is permitted to carry on the business of a bank in the Netherlands pursuant to the Financial Supervision Act (Wet op het financieel toezicht), the amount for which the liability of the contractor under the first paragraph with respect to that work exists in the first instance shall be reduced by that transferred amount. The preceding sentence does not apply insofar as the contractor knew or should reasonably have suspected that a subcontractor would fail to use the amount deposited into the account referred to in the first sentence for the payment of wage tax or social security contributions. Further rules regarding the application of this paragraph shall be laid down by ministerial regulation.

6.

The liability pursuant to the first paragraph shall not apply with respect to wage tax owed by a subcontractor if it is plausible that the non-payment by the subcontractor is attributable neither to him nor to a contractor.

1.

De aannemer is hoofdelijk aansprakelijk voor de loonbelasting:

a.

die de onderaannemer en, indien een werk geheel of gedeeltelijk door een of meer volgende onderaannemers wordt uitgevoerd, iedere volgende onderaannemer verschuldigd is in verband met het verrichten van werkzaamheden door zijn werknemers ter zake van dat werk;

b.

voor de betaling waarvan de onderaannemer en, indien een werk geheel of gedeeltelijk door een of meer volgende onderaannemers wordt uitgevoerd, iedere volgende onderaannemer ingevolge artikel 34 hoofdelijk aansprakelijk is ter zake van dat werk.

In afwijking in zoverre van artikel 32, tweede lid, is de aannemer niet aansprakelijk voor de in verband met de heffing van loonbelasting opgelegde bestuurlijke boete.

2.

In dit artikel wordt verstaan onder:

a.

aannemer: degene die zich jegens een ander, de opdrachtgever, verbindt om buiten dienstbetrekking een werk van stoffelijke aard uit te voeren tegen een te betalen prijs;

b.

onderaannemer: degene die zich jegens een aannemer verbindt om buiten dienstbetrekking het in onderdeel a bedoelde werk geheel of gedeeltelijk uit te voeren tegen een te betalen prijs.

3.

Voor de toepassing van dit artikel wordt:

a.

de onderaannemer ten opzichte van zijn onderaannemer als aannemer beschouwd;

b.

met een aannemer gelijkgesteld degene die zonder daartoe van een opdrachtgever opdracht te hebben gekregen buiten dienstbetrekking in de normale uitoefening van zijn bedrijf een werk van stoffelijke aard uitvoert;

c.

ten opzichte van de aannemer als onderaannemer beschouwd de verkoper van een toekomstige zaak, voor zover de koop en verkoop voortvloeit uit of verband houdt met het in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde werk.

4.

De voorgaande leden zijn niet van toepassing:

a.

indien een werk tot de uitvoering waarvan een onderaannemer zich jegens een aannemer heeft verbonden, geheel of grotendeels wordt verricht op de plaats waar de onderneming van de onderaannemer is gevestigd met uitzondering van de vervaardiging en elke daarop gerichte handeling van kleding, andere dan schoeisel, of

b.

indien de uitvoering van een werk waartoe een onderaannemer zich jegens een aannemer heeft verbonden, ondergeschikt is aan een tussen hen gesloten overeenkomst van koop en verkoop van een bestaande zaak.

5.

Indien een aannemer ingevolge een overeenkomst met een onderaannemer, ten behoeve van de voldoening van loonbelasting en sociale verzekeringspremies met betrekking tot het door die onderaannemer aangenomen werk, een bedrag heeft overgemaakt op een rekening die door die onderaannemer ten behoeve van de betaling van loonbelasting en sociale verzekeringspremies wordt gehouden bij een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mag uitoefenen wordt het bedrag waarvoor de aansprakelijkheid van de aannemer uit hoofde van het eerste lid met betrekking tot dat werk in eerste aanleg bestaat, verminderd met dat overgemaakte bedrag. De vorige volzin is niet van toepassing voor zover de aannemer wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat een onderaannemer in gebreke zou blijven het op de in de eerste volzin bedoelde rekening gestorte bedrag aan te wenden voor de betaling van loonbelasting of sociale verzekeringspremies. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de toepassing van dit lid.

6.

De aansprakelijkheid op grond van het eerste lid geldt niet met betrekking tot de loonbelasting verschuldigd door een onderaannemer, indien aannemelijk is dat het niet betalen door de onderaannemer noch aan hem noch aan een aannemer is te wijten.