Article 4:223
in forceConsequences of succession · Settlement of the estate
During the liquidation, a creditor is only authorised to enforce his claim against assets of the estate if this authority would also have accrued to him in the event of the bankruptcy of the deceased. Articles 57 to 60 inclusive of the Bankruptcy Act (Faillissementswet) shall apply mutatis mutandis, on the understanding that the powers of the supervisory judge (rechter-commissaris) referred to in Articles 58 paragraph 1, 59a paragraphs 3 and 5, and 60 paragraph 3 shall, if no supervisory judge has been appointed in respect of the liquidation, be exercised by the sub-district court (kantonrechter).
Even during the liquidation, a creditor of the estate may have his right of claim, or the priority to which his claim is entitled, established by judgment. A judgment by which a claim against a liquidator has been established may only be enforced against the personal assets of an heir who is liable with his entire estate if such heir was a party to the proceedings.
At the request of a liquidator, attachments already levied may be lifted by the subdistrict court (kantonrechter) to the extent necessary for the liquidation.
Gedurende de vereffening is een schuldeiser alleen bevoegd zijn vordering op goederen der nalatenschap ten uitvoer te leggen, indien deze bevoegdheid hem ook in geval van faillissement van de erflater zou zijn toegekomen. De artikelen 57 tot en met 60 van de Faillissementswet zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in de artikelen 58 lid 1, 59a leden 3 en 5 en 60 lid 3 bedoelde bevoegdheden van de rechter-commissaris, zo ter zake van de vereffening geen rechter-commissaris is benoemd, uitgeoefend worden door de kantonrechter.
Ook tijdens de vereffening kan een schuldeiser van de nalatenschap zijn vorderingsrecht, of de voorrang die zijn vordering toekomt, bij vonnis doen vaststellen. Een vonnis waarbij een vordering tegen een vereffenaar is vastgesteld, kan op de persoonlijke goederen van een erfgenaam die met zijn gehele vermogen aansprakelijk is, alleen worden ten uitvoer gelegd, indien deze in het geding partij is geweest.
Op verzoek van een vereffenaar kunnen reeds gelegde beslagen, voor zover dat voor de vereffening nodig is, door de kantonrechter worden opgeheven.