Article 22
in forceThe Union shall have an Assembly consisting of those countries of the Union which are bound by Articles 22 to 26.
The Government of each country shall be represented by one delegate, who may be assisted by alternate delegates, advisors, and experts.
The expenses of each delegation shall be borne by the Government which has appointed it.
The Assembly shall:
deal with all matters concerning the maintenance and development of the Union and the implementation of this Convention;
give directions concerning the preparation for conferences of revision to the International Bureau of Intellectual Property (hereinafter designated as “the International Bureau”) referred to in the Convention establishing the World Intellectual Property Organization (hereinafter designated as “the Organization”), due account being taken of any comments made by those countries of the Union which are not bound by Articles 22 to 26;
review and approve the reports and activities of the Director General of the Organization concerning the Union, and give him all necessary instructions concerning matters within the competence of the Union;
elect the members of the Executive Committee of the Assembly;
review and approve the reports and activities of its Executive Committee, and give instructions to such Committee;
determine the program and adopt the biennial budget of the Union, and approve its final accounts;
adopt the financial regulations of the Union;
establish such committees of experts and working groups as may be necessary for the work of the Union;
determine which countries not members of the Union and which intergovernmental and international non-governmental organizations shall be admitted to its meetings as observers;
adopt amendments to Articles 22 to 26;
take any other appropriate action designed to further the objectives of the Union;
exercise such other functions as are appropriate under this Convention;
subject to its acceptance, exercise such rights as are given to it in the Convention establishing the Organization.
With respect to matters which are of interest also to other Unions administered by the Organization, the Assembly shall make its decisions after having heard the advice of the Coordination Committee of the Organization.
Each country member of the Assembly shall have one vote.
One-half of the countries members of the Assembly shall constitute a quorum.
Notwithstanding the provisions of subparagraph (b), if, in any session, the number of countries represented is less than one-half but equal to or more than one-third of the countries members of the Assembly, the Assembly may make decisions but, with the exception of decisions concerning its own procedure, all such decisions shall take effect only if the following conditions are fulfilled. The International Bureau shall communicate the said decisions to the countries members of the Assembly which were not represented and shall invite them to express in writing their vote or abstention within a period of three months from the date of the communication. If, at the expiration of this period, the number of countries having thus expressed their vote or abstention attains the number of countries which was lacking for attaining the quorum in the session itself, such decisions shall take effect provided that at the same time the required majority still obtains.
Subject to the provisions of Article 26(2), the decisions of the Assembly shall require two-thirds of the votes cast.
Abstentions shall not be considered as votes.
A delegate may represent, and vote in the name of, one country only.
Countries of the Union not members of the Assembly shall be admitted to its meetings as observers.
The Assembly shall meet once in every second calendar year in ordinary session upon convocation by the Director General and, in the absence of exceptional circumstances, during the same period and at the same place as the General Assembly of the Organization.
The Assembly shall meet in extraordinary session upon convocation by the Director General, at the request of the Executive Committee or at the request of one-fourth of the countries members of the Assembly.
The Assembly shall adopt its own rules of procedure.
De Unie kent een Algemene Vergadering, samengesteld uit de landen van de Unie die gebonden zijn door de artikelen 22 tot en met 26.
De Regering van elk land is vertegenwoordigd door een afgevaardigde, die zich kan doen bijstaan door plaatsvervangers, adviseurs en deskundigen.
De door elke delegatie gemaakte kosten worden gedragen door de Regering die haar heeft aangewezen.
De Algemene Vergadering:
neemt alle vraagstukken in behandeling betreffende de instandhouding en de ontwikkeling van de Unie en de toepasng van deze Conventie;
verstrekt aan het Internationale Bureau voor de Intellectuele Eigendom (hierna te noemen „het Internationale Bureau”) bedoeld in het Verdrag tot oprichting van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom (hierna te noemen „de Organisatie”) richtlijnen betreffende de voorbereiding van de herzieningsconferenties, hierbij deugdelijk rekening houdende met de opmerkingen van de landen van de Unie die niet zijn gebonden door de artikelen 22 tot en met 26;
bestudeert en hecht haar goedkeuring aan de rapporten en werkzaamheden van de Directeur-Generaal van de Organisatie met betrekking tot de Unie en geeft deze alle van belang zijnde richtlijnen met betrekking tot de vraagstukken die tot de competentie van de Unie behoren;
kiest de leden van de Uitvoerende Commissie van de Algemene Vergadering;
bestudeert en hecht haar goedkeuring aan de rapporten en werkzaamheden van en geeft richtlijnen aan haar Uitvoerende Commissie;
stelt het programma en de tweejaarlijkse begroting van de Unie vast en keurt haar afrekeningen goed;
stelt het financiële reglement van de Unie vast;
roept de commissie van deskundigen en de werkgroepen in het leven, die zij van belang acht voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie;
beslist welke landen, geen leden van de Unie zijnde, en welke intergouvernementele en andere dan gouvernementele, internationale organisaties als waarnemers tot haar vergaderingen kunnen worden toegelaten;
neemt de wijzigingen van de artikelen 22 tot en met 26 aan;
verricht iedere andere handeling die dienstig is ter verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie;
verricht alle overige taken die in deze Conventie besloten liggen;
oefent, onder voorbehoud dat zij dit aanvaardt, de rechten uit die haar door het Verdrag tot oprichting van de Organisatie zijn toegekend.
Aangaande de vraagstukken die eveneens andere door de Organisatie beheerde Unies raken, doet de Algemene Vergadering uitspraak na het advies van de Coördinatiecommissie van de Organisatie te hebben ingewonnen.
Elk land dat lid is van de Algemene Vergadering heeft één stem.
Het quorum wordt gevormd door de helft van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering.
Niettegenstaande het bepaalde onder letter b kunnen, indien gedurende een zitting het aantal vertegenwoordigde landen kleiner is dan de helft, maar gelijk aan of groter dan het derde deel van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering, door die Vergadering besluiten worden genomen; evenwel worden de besluiten van de Algemene Vergadering, met uitzondering van die welke haar eigen procedure betreffen, rechtens eerst uitvoerbaar nadat aan de hierna vermelde voorwaarden is voldaan. Het Internationale Bureau brengt de hier bedoelde besluiten ter kennis van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering die niet vertegenwoordigd waren en verzoekt hun binnen een termijn van drie maanden, te rekenen van de datum van de bedoelde kennisgeving, schriftelijk hun stem uit te brengen of hun onthouding kenbaar te maken. Indien na afloop van deze termijn het aantal landen dat op deze wijze zijn stem heeft uitgebracht of zijn onthouding heeft kenbaar gemaakt, ten minste gelijk is aan het aantal landen dat aan het quorum der vergadering ontbrak, zullen bedoelde besluiten rechtens uitvoerbaar worden, mits te zelfder tijd de vereiste meerderheid is bereikt.
Behoudens het bepaalde in het tweede lid van artikel 26 worden de besluiten van de Algemene Vergadering genomen met een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
Onthouding geldt niet als stem.
Een afgevaardigde kan slechts één land vertegenwoordigen en slechts uit naam van dit land zijn stem uitbrengen.
De landen van de Unie die geen lid zijn van de Algemene Vergadering, kunnen haar vergaderingen bijwonen als waarnemers.
De Algemene Vergadering komt eens in de twee jaar in gewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal en, uitzonderlijke omstandigheden daargelaten, gedurende dezelfde periode en te zelfder plaatse als de Algemene Vergadering van de Organisatie.
De Algemene Vergadering komt in buitengewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal ingevolge een verzoek van de Uitvoerende Commissie of ingevolge een verzoek van een/vierde van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering.
De Algemene Vergadering stelt haar reglement van orde vast.