Article 2
in forceGeneral provisions · § The nature of copyright
Copyright shall pass by succession and is subject to total or partial transfer.
The author, or their successor in title, may grant a third party a licence for the whole or a part of the copyright.
The agreement on the basis of which the copyright is transferred in whole or in part, or in which an exclusive licence is granted, shall be entered into in writing. The transfer or the granting of an exclusive licence by the author or by a natural person who has acquired the copyright as an heir or legatee of the author, shall only comprise those powers that are expressly stated in the agreement or that necessarily result from its nature and scope. The delivery required for transfer shall be effected pursuant to Article 95 of Book 3 of the Civil Code by means of a deed intended for that purpose.
The copyright vested in the author of a work, as well as, after the death of the author, the copyright in unpublished works vested in the person who has acquired it as an heir or legatee of the author, is not subject to attachment.
The third paragraph, second sentence, and the fourth paragraph do not apply to a maker as referred to in Articles 7 and 8.
Het auteursrecht gaat over bij erfopvolging en is vatbaar voor gehele of gedeeltelijke overdracht.
De maker, of zijn rechtverkrijgende, kan aan een derde een licentie verlenen voor het geheel of een gedeelte van het auteursrecht.
De overeenkomst op grond waarvan het auteursrecht geheel of gedeeltelijk wordt overgedragen of waarin een exclusieve licentie wordt verleend, wordt schriftelijk aangegaan. De overdracht of de verlening van een exclusieve licentie door de maker of door een natuurlijke persoon die het auteursrecht als erfgenaam of legataris van de maker heeft verkregen, omvat alleen die bevoegdheden die uitdrukkelijk in de overeenkomst staan vermeld of die uit de aard en de strekking ervan noodzakelijkerwijs voortvloeien. De levering vereist voor overdracht geschiedt ingevolge artikel 95 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek bij een daartoe bestemde akte.
Het auteursrecht dat toekomt aan de maker van een werk, alsmede, na het overlijden van de maker, het auteursrecht op niet openbaar gemaakte werken dat toekomt aan degene die het als erfgenaam of legataris van de maker heeft verkregen, is niet vatbaar voor beslag.
Het derde lid, tweede volzin, en het vierde lid zijn niet van toepassing op een maker als bedoeld in artikel 7 en 8.