Article 10:7
in forceAdministrative law enforcement · § Imposition of the penalty
The administrative fine that may be imposed for an infringement shall not exceed the amount of the fifth category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code.
Without prejudice to paragraph 1, the official designated pursuant to Article 10:5, paragraph 1 or 2, shall increase the administrative fine to be imposed by 100 percent of the fine amount, established pursuant to paragraph 6, if within a period of five years preceding the day of the determination of the violation, a prior violation, consisting of the non-compliance with the same statutory obligation or prohibition or the non-compliance with similar obligations and prohibitions to be designated by or pursuant to a general administrative measure, has been determined and the administrative fine for the prior violation has become final.
The increase of the administrative fine, as referred to in the second paragraph, shall amount to 200 percent if both the violation and the previous violation, as referred to in that paragraph, have been designated as serious violations by or pursuant to a general administrative measure.
Without prejudice to paragraph 1, the official designated pursuant to Article 10:5, paragraph 1 or 2, shall increase the administrative fine to be imposed by 200 percent of the fine amount established pursuant to paragraph 6, if within a period of five years preceding the date of observation of the violation, two previous violations, consisting of non-compliance with the same statutory obligation or prohibition or non-compliance with similar obligations and prohibitions to be designated by or pursuant to a general administrative measure, have been observed and the administrative fines for the previous violations have become final.
Notwithstanding paragraphs 2 and 4, the period of five years in those paragraphs is ten years if the irrevocable fines referred to in those paragraphs have been imposed for serious offences designated by or pursuant to an Order in Council.
Our Minister shall establish policy rules in which the fine amounts for the violations are determined. For violations committed by persons as referred to in Article 5:12, second paragraph, Our Minister of Infrastructure and Water Management and Our Minister shall jointly establish policy rules in which the fine amounts for those violations are determined. Article 5:53 of the General Administrative Law Act (Algemene wet bestuursrecht) shall apply if an article established by or pursuant to the law on the basis of which an administrative fine may be imposed, has not been complied with.
By way of derogation from Article 8:69 of the General Administrative Law Act (Algemene wet bestuursrecht), the court in an appeal or a further appeal may also change the amount of the fine to the detriment of the interested party.
De bestuurlijke boete die voor een overtreding kan worden opgelegd bedraagt ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.
Onverminderd het eerste lid verhoogt de op grond van artikel 10:5, eerste of tweede lid, aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 100 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het zesde lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of verbod of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen en verboden, is geconstateerd en de bestuurlijke boete wegens de eerdere overtreding onherroepelijk is geworden.
De verhoging van de bestuurlijke boete, bedoeld in het tweede lid, bedraagt 200 procent indien zowel de overtreding als de eerdere overtreding, bedoeld in dat lid, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen als ernstige overtredingen.
Onverminderd het eerste lid verhoogt de op grond van artikel 10:5, eerste of tweede lid, aangewezen ambtenaar de op te leggen bestuurlijke boete met 200 procent van het boetebedrag, vastgesteld op grond van het zesde lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding twee maal een eerdere overtreding, bestaande uit het niet naleven van eenzelfde wettelijke verplichting of verbod of het niet naleven van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen soortgelijke verplichtingen en verboden, is geconstateerd en de bestuurlijke boeten wegens de eerdere overtredingen onherroepelijk zijn geworden.
In afwijking van het tweede en vierde lid is het tijdvak van vijf jaar in die leden tien jaar indien de onherroepelijke boetes, bedoeld in die leden, zijn opgelegd wegens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen ernstige overtredingen.
Onze Minister stelt beleidsregels vast waarin de boetebedragen voor de overtredingen worden vastgesteld. Voor overtredingen begaan door personen, bedoeld in artikel 5:12, tweede lid, stellen Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat en Onze Minister tezamen beleidsregels vast waarin de boetebedragen voor die overtredingen worden vastgesteld. Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing indien een artikel gesteld bij of krachtens de wet op grond waarvan een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, niet is nageleefd.
In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter in beroep of hoger beroep de hoogte van de boete ook ten nadele van de belanghebbende wijzigen.