Article 21
in forceThe exercise of the office of civil-law notary
The civil-law notary is obliged to perform the duties assigned to him by or pursuant to the law or requested by a party, subject to the provisions of the second, third, and fourth paragraphs.
The civil-law notary is obliged to refuse his services when, in his reasonable conviction or suspicion, the activity requested of him leads to a conflict with the law or public order, when his cooperation is requested for acts that manifestly have an unlawful purpose or consequence, or when he has other valid reasons for refusal.
A civil-law notary may refer a request from a party to perform services to another civil-law notary within the same firm or within the partnership of which he is a part, provided that the latter accepts the request.
A civil-law notary may refer a request from a party to perform services to another civil-law notary, provided that the latter accepts the request and the services are not generally customary and are of such a nature that the interest of the requesting party is served by the referral.
Further rules regarding the application of the second up to and including the fourth paragraph shall be laid down by ordinance.
Further rules may also be established by ordinance regarding the application of Articles 333i, paragraph 8, 334uu, paragraph 8, and 335l, paragraph 7, of Book 2 of the Civil Code.
De notaris is verplicht de hem bij of krachtens de wet opgedragen of de door een partij verlangde werkzaamheden te verrichten, behoudens het bepaalde in het tweede, derde, en vierde lid.
De notaris is verplicht zijn dienst te weigeren wanneer naar zijn redelijke overtuiging of vermoeden de werkzaamheid die van hem verlangd wordt leidt tot strijd met het recht of de openbare orde, wanneer zijn medewerking wordt verlangd bij handelingen die kennelijk een ongeoorloofd doel of gevolg hebben of wanneer hij andere gegronde redenen voor weigering heeft.
De notaris kan een verzoek van een partij tot het verrichten van werkzaamheden doorverwijzen naar een andere notaris binnen dezelfde onderneming of binnen het samenwerkingsverband waarvan hij deel uitmaakt, mits die het verzoek aanvaardt.
De notaris kan een verzoek van een partij tot het verrichten van werkzaamheden doorverwijzen naar een andere notaris, mits die het verzoek aanvaardt en de werkzaamheden niet algemeen gebruikelijk en van een zodanige aard zijn dat het belang van de verzoekende partij met de doorverwijzing wordt gediend.
Bij verordening worden nadere regels gesteld betreffende de toepassing van het tweede tot en met het vierde lid.
Bij verordening kunnen tevens nadere regels worden gesteld betreffende de toepassing van de artikelen 333i, achtste lid, 334uu, achtste lid, en 335l, zevende lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.