Article 3.47
in forceHeffingsgrondslag bij werk en woning · Belastbare winst uit onderneming
If, in a calendar year, goods are alienated for a total amount exceeding € 2,900 at transfer prices, a percentage of the transfer prices equal to the percentage that was taken into account as investment deduction in respect of the investment in those goods shall be added to the profit for that year (disinvestment addition).
Disinvestment addition only takes place insofar as the alienation occurs within five years after the beginning of the calendar year in which the investment took place, and is not calculated on an amount higher than the investment amount insofar as investment deduction has been taken into account in respect thereof.
Equated with alienation is:
withdrawing an asset from the enterprise;
changing the destination of an asset in such a way that it comes to satisfy the description of Article 3:45, paragraph 2, point (a), and paragraph 4, point (a), and
changing the destination of an asset in such a way that it comes to satisfy the description of Article 3:45, paragraph 1, point (a), under 2°.
For the application of the third paragraph, the fair market value of the asset shall be deemed the transfer price.
If an investment is reversed, or if a reduction, refund, or compensation is received for an investment, this shall be deemed a disposal of an asset, and the amount of such investment, reduction, refund, or compensation shall be deemed the transfer price.
The reversal of an investment shall also be understood to include:
the non-payment within twelve months after the entering into of the obligation of at least 25% of the investment amount in respect of that obligation, unless the asset has been taken into use within that period and
the failure to put an asset into use within three years after the commencement of the calendar year in which the investment was made.
Our Minister may determine that paragraph 3, point (c), or paragraph 6 shall not apply.
Indien in een kalenderjaar tegen overdrachtsprijzen voor een bedrag van meer dan € 2.900 aan goederen wordt vervreemd, wordt van de overdrachtsprijzen een gelijk percentage als ter zake van de investering in die goederen als investeringsaftrek in aanmerking is genomen, ten bate van de winst over dat jaar gebracht (desinvesteringsbijtelling).
Desinvesteringsbijtelling heeft alleen plaats voorzover de vervreemding plaatsvindt binnen vijf jaar na het begin van het kalenderjaar waarin de investering heeft plaatsgevonden en wordt over geen hoger bedrag berekend dan het investeringsbedrag voorzover daarover investeringsaftrek in aanmerking is genomen.
Met vervreemding wordt gelijkgesteld:
het onttrekken van een goed aan de onderneming;
het wijzigen van de bestemming van een goed zodanig dat dit gaat voldoen aan de omschrijving van artikel 3.45, tweede lid, onderdeel a, en vierde lid, onderdeel a, en
het wijzigen van de bestemming van een goed zodanig dat dit gaat voldoen aan de omschrijving van artikel 3.45, eerste lid, onderdeel a, onder 2°.
Voor de toepassing van het derde lid geldt de waarde in het economische verkeer van het goed als overdrachtsprijs.
Indien een investering ongedaan wordt gemaakt, of voor een investering een vermindering, teruggaaf of vergoeding wordt genoten, geldt dat als vervreemding van een goed en geldt het bedrag van die investering, vermindering, teruggaaf of vergoeding als overdrachtsprijs.
Onder ongedaan maken van een investering wordt mede verstaan:
het niet betaald zijn binnen twaalf maanden na het aangaan van de verplichting van ten minste 25% van het investeringsbedrag ter zake van die verplichting, tenzij het bedrijfsmiddel binnen die periode in gebruik is genomen en
het niet in gebruik genomen zijn van een bedrijfsmiddel binnen drie jaar na het begin van het kalenderjaar waarin de investering is gedaan.
Onze Minister kan bepalen dat het derde lid, onderdeel c, of het zesde lid niet van toepassing is.