Dutch Legislation

Article 3.44

in force

Heffingsgrondslag bij werk en woning · Belastbare winst uit onderneming

Income Tax Act 2001 · Chapter 3 · Section 3.2 · In force since 2004-01-01

Source
1.

If, at the end of the calendar year, the asset has not yet been taken into use and the investment deduction would exceed the amount paid in respect of the investment at the end of that calendar year, then, by way of derogation from Articles 3.41, 3.42 and 3.42a, an amount equal to the payment shall be taken into account, and the excess shall be taken into account in the subsequent calendar years, specifically insofar as payments are made, but no later than in the calendar year in which the asset is taken into use.

2.

Upon the cessation of the enterprise and upon the final settlement as referred to in Article 3.61, the investment allowance shall be taken into account in its entirety in the year of cessation, or the final settlement, respectively.

1.

Indien bij het einde van het kalenderjaar het bedrijfsmiddel nog niet in gebruik is genomen en de investeringsaftrek zou uitgaan boven wat bij het einde van dat kalenderjaar ter zake van de investering is betaald, wordt in afwijking in zoverre van de artikelen 3.41, 3.42 en 3.42a een bedrag gelijk aan de betaling in aanmerking genomen en wordt het meerdere in aanmerking genomen in de volgende kalenderjaren en wel voorzover betalingen plaatsvinden, maar niet later dan in het kalenderjaar waarin het bedrijfsmiddel in gebruik wordt genomen.

2.

Bij het staken van de onderneming en bij de eindafrekening als bedoeld in artikel 3.61 wordt de investeringsaftrek voor het geheel in aanmerking genomen in het jaar van staking, respectievelijk eindafrekening.