Article 20
in forceGeneral assistance
For interested parties younger than 21 years of age without dependent children, the norm per calendar month, if it concerns:
a single person of 18, 19 or 20 years: € 350.42;
married persons where both spouses are 18, 19 or 20 years of age: € 700.84;
married spouses of whom one spouse is 18, 19 or 20 years of age and the other spouse is 21 years of age or older, without cost-sharing cohabitants: € 1,364.32.
For interested parties younger than 21 years of age with one or more dependent children, the norm per calendar month shall be, if it concerns:
a single parent of 18, 19 or 20 years of age: € 350.42;
married persons where both spouses are 18, 19 or 20 years of age: € 1,106.40;
married spouses of whom one spouse is 18, 19 or 20 years of age and the other spouse is 21 years of age or older, without cost-sharing cohabitants: € 1,769.88.
For interested parties aged 18, 19 or 20, the municipal executive (college) shall increase the standard by an amount of € 762.24, if that interested party cannot appeal to his parents for the costs of subsistence, because:
the resources of the parents are insufficient thereto; or
this person cannot reasonably enforce the right to maintenance against the parents.
The standard referred to in the third paragraph, in combination with the standards referred to in the first and second paragraphs, shall not be higher than the standard referred to in Article 21 that applies to a person aged 21 or older, but younger than the pensionable age, in a comparable situation.
Voor belanghebbenden jonger dan 21 jaar zonder ten laste komende kinderen is de norm per kalendermaand, indien het betreft:
een alleenstaande van 18, 19 of 20 jaar: € 350,42;
gehuwden waarvan beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar zijn: € 700,84;
gehuwden waarvan een echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder, zonder kostendelende medebewoners: € 1.364,32.
Voor belanghebbenden jonger dan 21 jaar met een of meer ten laste komende kinderen is de norm per kalendermaand, indien het betreft:
een alleenstaande ouder van 18, 19 of 20 jaar: € 350,42;
gehuwden waarvan beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar zijn: € 1.106,40;
gehuwden waarvan een echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder, zonder kostendelende medebewoners: € 1.769,88.
Voor belanghebbenden van 18, 19 of 20 jaar verhoogt het college de norm met een bedrag van € 762,24, indien die belanghebbende voor de kosten van levensonderhoud geen beroep kan doen op zijn ouders, omdat:
de middelen van de ouders daartoe niet toereikend zijn; of
deze persoon redelijkerwijs het onderhoudsrecht jegens de ouders niet te gelde kan maken.
De norm, bedoeld in het derde lid, in combinatie met de normen, bedoeld in het eerste en tweede lid, is niet hoger dan de norm, bedoeld in artikel 21, die geldt voor een 21-jarige of ouder, doch jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, in een vergelijkbare situatie.