Dutch Legislation

Article 16.7

in force

Procedures · Coördinatie en betrokkenheid andere bestuursorganen

Environment and Planning Act · Chapter 16 · Section 16.2 · In force since 2024-01-01

Source
1.

Division 3.5 of the General Administrative Law Act applies to the preparation of:

a.

decisions on applications for an environmental permit or for the amendment of the requirements of an environmental permit for: which have been submitted simultaneously,

1°.

one or more water activities designated pursuant to Article 5.7, paragraph 2, and

2°.

one or more other activities as referred to in Articles 5.1 and 5.4,

b.

the decisions on applications for an environmental permit or for the amendment of the requirements of an environmental permit for an environmentally harmful activity and for a water activity for which, pursuant to Article 5.7, paragraph 4, the obligation applies to submit these simultaneously, or the decisions for the ex officio amendment of those requirements,

c.

the decisions for the implementation of a project decision for which this has been determined pursuant to Article 5.45, paragraph 1 or 2.

2.

By Order in Council, for the cases referred to in the first paragraph, under (a) and (b), the coordinating administrative authority, as referred to in Article 3:21, first paragraph, of the General Administrative Law Act, shall be designated.

3.

Articles 3:21, paragraph 3, and 3:23, paragraphs 1 and 3, of the General Administrative Law Act do not apply to the cases referred to in the first paragraph, under (a) and (b).

1.

Afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de voorbereiding van:

a.

de beslissingen op aanvragen om een omgevingsvergunning of wijziging van de voorschriften van een omgevingsvergunning voor: die gelijktijdig zijn ingediend,

1°.

een of meer op grond van artikel 5.7, tweede lid, aangewezen wateractiviteiten, en

2°.

een of meer andere activiteiten als bedoeld in de artikelen 5.1 en 5.4,

b.

de beslissingen op aanvragen om een omgevingsvergunning of wijziging van de voorschriften van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit en voor een wateractiviteit waarvoor op grond van artikel 5.7, vierde lid, de verplichting geldt deze gelijktijdig in te dienen, of de beslissingen tot ambtshalve wijziging van die voorschriften,

c.

de besluiten ter uitvoering van een projectbesluit waarvoor dat op grond van artikel 5.45, eerste of tweede lid, is bepaald.

2.

Bij algemene maatregel van bestuur wordt voor de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, het coördinerend bestuursorgaan, bedoeld in artikel 3:21, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, aangewezen.

3.

De artikelen 3:21, derde lid, en 3:23, eerste en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn niet van toepassing op de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onder a en b.