Dutch Legislation

Article 67ca

in force

Bestuurlijke boeten · Overtredingen

General State Taxes Act (AWR) · Chapter VIIIA · Section 1 · In force since 2025-01-01

Source
1.

A person who fails to comply with the obligation imposed upon him by or pursuant to:

a.

Articles 6, paragraph 3, 43, 44, 47b, 49, paragraph 2, and 50, paragraph 1;

b.

Articles 28, paragraph 1, preamble and parts a, b, e and f, 29, 35d, 35e, preamble and parts a, b, d and e, 35k, 35l and 35m, preamble and parts a and c, of the Wage Tax Act 1964;

c.

Articles 4, paragraph 11, and 9, paragraph 1, of the Dividend Withholding Tax Act 1965;

d.

Articles 34c, paragraph 1, 34e, 34g and 35a, paragraphs 1 and 2, of the Turnover Tax Act 1968, or

e.

Article 54 of the Legal Transactions Tax Act, commits an omission in respect of which the inspector may impose an administrative fine upon him of at most € 6,709.

2.

The authority to impose the penalty referred to in the first paragraph shall lapse upon the expiry of five years after the end of the calendar year in which the obligation arose.

1.

Degene die niet voldoet aan de verplichting hem opgelegd bij of krachtens:

a.

de artikelen 6, derde lid, 43, 44, 47b, 49, tweede lid, en 50, eerste lid;

b.

de artikelen 28, eerste lid, aanhef en onderdelen a, b, e en f, 29, 35d, 35e, aanhef en onderdelen a, b, d en e, 35k, 35l en 35m, aanhef en onderdelen a en c, van de Wet op de loonbelasting 1964;

c.

de artikelen 4, elfde lid, en 9, eerste lid, van de Wet op de dividendbelasting 1965;

d.

de artikelen 34c, eerste lid, 34e, 34g en 35a, eerste en tweede lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, of

e.

artikel 54 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer, begaat een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 6.709 kan opleggen.

2.

De bevoegdheid tot het opleggen van de in het eerste lid bedoelde boete vervalt door verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de verplichting is ontstaan.