
Zowel particulieren als ondernemers zijn belastingplichtig in Nederland. Particulieren en ondernemers (natuurlijke personen) zijn onderworpen aan de inkomstenbelasting, terwijl rechtspersonen onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting. Andere belangrijke belastingen zijn de loonbelasting, dividendbelasting en de omzetbelasting (BTW).
De belastingen in Nederland zijn voor buitenlanders in principe gelijk aan die voor Nederlandse staatsburgers. Voor wie de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt, kent Box 1 in 2026 drie schijven: 35,75% over inkomen tot € 38.883, 37,56% over inkomen van € 38.883 tot € 78.426 en 49,50% over het meerdere. In het tarief van de eerste schijf zit 8,10% belasting en 27,65% premie volksverzekeringen; premies worden alleen geheven over inkomen tot € 38.883.
Meer informatie over de fiscaliteit vindt u op de pagina Fiscaal recht.
De belastingplichtige: binnenlands en buitenlands
Allereerst is het van belang vast te stellen of een natuurlijk persoon of rechtspersoon fiscaal inwoner van Nederland is. Een binnenlandse belastingplichtige wordt belast over zijn wereldwijde inkomen, terwijl een buitenlandse belastingplichtige enkel wordt belast over het inkomen dat in Nederland is verdiend.
Een cruciale factor voor natuurlijke personen en lichamen is de bepaling van de woonplaats of vestigingsplaats. Voor rechtspersonen kan de plaats waar de feitelijke leiding wordt uitgeoefend doorslaggevend zijn.
Alle ondernemingen die zijn opgericht naar Nederlands recht of hun feitelijke vestigingsplaats in Nederland hebben, zijn in Nederland belastingplichtig over hun wereldwijde inkomen. Wereldwijd inkomen omvat ook inkomsten van buiten Nederland. Indien een belastingverdrag van toepassing is, kan dubbele belastingheffing worden voorkomen.
Buitenlandse belastingplichtigen
Niet-ingezeten ondernemingen betalen vennootschapsbelasting in Nederland over:
- belastbare winst uit een Nederlandse onderneming;
- belastbare winst uit een aanmerkelijk belang in ondernemingen gevestigd in Nederland;
- onder bepaalde voorwaarden, de belastbare winst van een onderneming gevestigd op Aruba, Curaçao, Sint-Maarten of met een vaste inrichting op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba.
Particulieren: structuur van het belastbaar inkomen
De Nederlandse belastingwetgeving verdeelt het belastbaar inkomen in drie categorieën, de zogenaamde boxen. Elke box kent zijn eigen belastingtarief:
- Box 1: belastbaar inkomen uit werk en woning;
- Box 2: belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang;
- Box 3: belastbaar inkomen uit sparen en beleggen.
Box 1 wordt belast volgens een progressief tarief, dat in 2026 begint bij 35,75% en oploopt tot 49,50%. Het belastingdeel van de eerste schijf bedraagt 8,10%. Daarnaast worden premies volksverzekeringen geheven. De inning van deze premies is geïntegreerd in het belastingstelsel. De premies volksverzekeringen zijn echter gebaseerd op andere wet- en regelgeving, die in bepaalde gevallen niet volledig overeenkomt met de heffing van loon- of inkomstenbelasting.
De hoogte van de premies volksverzekeringen hangt af van de persoonlijke omstandigheden van de belastingplichtige en de hoogte van het inkomen; premies worden geheven over inkomen tot € 38.883. De premie volksverzekeringen van 27,65% is opgenomen in het tarief van de eerste schijf van Box 1.
Sinds 2024 kent Box 2 twee schijven. In 2026 geldt 24,5% over inkomen uit aanmerkelijk belang tot € 68.843 (voor fiscale partners samen € 137.686) en 31% over het meerdere. Inkomsten uit aanmerkelijk belang omvatten dividenden en vermogenswinsten. Bij een dividenduitkering houdt de vennootschap 15% dividendbelasting in; die inhouding wordt verrekend met de belasting in Box 2 en komt er niet bovenop.
Box 3 belast niet het werkelijke inkomen maar een berekend rendement op vermogen: spaargeld, beleggingen en een tweede woning. In 2026 bedraagt het heffingvrije vermogen € 59.357 per persoon en € 118.714 voor fiscale partners samen, en is het tarief 36%. De berekeningswijze in Box 3 is al enkele jaren onderwerp van rechtspraak en wetswijzigingen; wie een groot deel van het vermogen in deze box heeft, doet er goed aan de berekening per jaar te laten nagaan. Een advocaat belastingrecht biedt professionele juridische bijstand op dit gebied.
Belastingen voor bedrijven in Nederland (winst uit onderneming)
De belastingheffing van personen die in Nederland economische handelsactiviteiten verrichten, omvat meerdere belastingsoorten. Zakelijke belastingen in Nederland omvatten de vennootschapsbelasting, dividendbelasting en de verplichte werkgeverspremies. Werkgevers betalen loonheffingen en sociale premies voor hun werknemers. Bedrijven betalen vennootschapsbelasting over hun winst. Dividendbelasting wordt ingehouden op de winst die als dividend aan aandeelhouders wordt uitgekeerd. Er bestaan ook diverse milieubelastingen (deze worden in dit artikel niet besproken). Om dubbele belastingheffing voor bedrijven te voorkomen, sluiten diverse landen internationale verdragen met elkaar.
Publiekrechtelijke en privaatrechtelijke lichamen die in Nederland zijn gevestigd, worden belast over hun wereldwijde economische handelsactiviteiten. Onder bepaalde omstandigheden zijn ook verenigingen en stichtingen vennootschapsbelastingplichtig en moeten zij derhalve aangifte vennootschapsbelasting doen.
Sommige rechtspersonen, bijvoorbeeld die kwalificeren als fiscale beleggingsinstelling, zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting.
Vpb (Vennootschapsbelasting in Nederland)
De winst van N.V.’s en B.V.’s is onderworpen aan de vennootschapsbelasting. Speciale belastingregels gelden voor fiscale eenheden en bedrijven die meer dan 5% van de aandelen van een ander bedrijf bezitten (deelnemingsvrijstelling).
Tarief vennootschapsbelasting
Het tarief van de vennootschapsbelasting in Nederland hangt af van het belastbare bedrag. Het belastbare bedrag is de winst van het jaar verminderd met verrekenbare verliezen (achterwaartse verrekening met de winst van het voorgaande jaar / voorwaartse verrekening zonder termijn, waarbij in een winstjaar ten hoogste € 1 miljoen plus 50% van de winst boven € 1 miljoen kan worden verrekend). Indien het belastbare bedrag niet hoger is dan € 200.000 per jaar, bedraagt het belastingtarief 19% over dit bedrag; daarboven geldt 25,8%. Bijvoorbeeld: als het belastbare bedrag € 250.000 is, bedraagt de vennootschapsbelasting € 50.900 (19% over € 200.000 en 25,8% over € 50.000).
Voor winst uit eigen innovatieve ontwikkeling geldt het verlaagde tarief van de innovatiebox: 9%. De innovatiebox biedt belastingvoordelen ter stimulering van innovatief onderzoek. Het recht op dit tarief moet worden onderbouwd; het is een aparte procedure en geen keuze in de aangifte.
Belastbaar bedrag
Het belastbare bedrag is afgeleid van de inkomsten van de belastingplichtige minus de kosten. In principe zijn zakelijke kosten aftrekbaar, maar bepaalde kosten zijn niet of slechts gedeeltelijk aftrekbaar. De regels voor winstbepaling en verliesverrekening worden gereguleerd door de Nederlandse belastingwetgeving en komen niet altijd volledig overeen met de algemeen aanvaarde boekhoudkundige principes (GAAP).
Fiscale eenheid met dochterondernemingen
In beginsel is elke vennootschap afzonderlijk belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Echter, als een moedermaatschappij de volledige eigendom heeft van één of meer dochterondernemingen in Nederland, kan de Belastingdienst deze groep aanmerken als één belastingplichtige: de fiscale eenheid. De gezamenlijke winst van de fiscale eenheid maakt het mogelijk om verliezen van de ene vennootschap te verrekenen met winsten van andere vennootschappen binnen de groep. De vorming van een fiscale eenheid is mogelijk onder strikte voorwaarden. De belangrijkste voorwaarde is dat de ‘moedermaatschappij’ ten minste 95% van de aandelen in de dochteronderneming bezit.
Holdings en de deelnemingsvrijstelling in Nederland
Daarnaast biedt het uitgebreide netwerk van belastingverdragen van Nederland en de zogeheten deelnemingsvrijstelling een gunstig fiscaal klimaat voor (tussen)holdingmaatschappijen.
Op grond van de deelnemingsvrijstelling zijn dividenden en vermogenswinsten vrijgesteld van vennootschapsbelasting. Dit betekent dat winst niet tweemaal binnen dezelfde groep van ondernemingen wordt belast. De vrijstelling geldt alleen voor aandeelhouders die een belang van minimaal 5% in de dochteronderneming houden. Deze regel is van toepassing op zowel binnenlandse als buitenlandse deelnemingen. Dit is een kernkenmerk van het Nederlandse belastingregime. De deelnemingsvrijstelling geldt niet voor holdings in een beleggingsinstelling die gebruikmaken van een nultarief of verlaagd tarief.
Advance Pricing Agreements (APA’s) en Advance Tax Rulings (ATR’s)
In Nederland wordt gebruikgemaakt van Advance Pricing Agreements (APA’s) en Advance Tax Rulings (ATR’s). APA’s en ATR’s zijn bindende afspraken met de Belastingdienst over de toepassing van de belastingwetgeving voor internationale holdings en ondernemingen.
APA’s en ATR’s bieden buitenlandse investeerders zekerheid dat nationale en internationale fiscale regels op de juiste wijze op hen worden toegepast in Nederland. Dit voorkomt interpretatieverschillen achteraf.
Inning van belastingen
De dividendbelasting in Nederland betreft een bronheffing van 15% op uitkeringen aan aandeelhouders van vennootschappen die in Nederland gevestigd zijn. Dit tarief kan worden verlaagd door toepassing van bepaalde belastingverdragen. Indien de ontvanger van het dividend gebruik kan maken van de deelnemingsvrijstelling (zie hierboven), hoeft de uitkerende vennootschap geen dividendbelasting in te houden. Nederland heft geen bronbelasting op rente en royalty’s.
Omzetbelasting (BTW)
Ondernemingen zijn verplicht BTW af te dragen over alle goederen en diensten. Er zijn uitzonderingen, zoals medische diensten, die zijn vrijgesteld van BTW. Afhankelijk van de aard van de goederen of diensten bedraagt het tarief 21% of 9%. Bedrijven hebben het recht om de in rekening gebrachte BTW te verrekenen met de betaalde voorbelasting (aftrek van voorbelasting). De vereisten voor het indienen en betalen van BTW-aangiften in Nederland zijn zeer gedetailleerd, en er gelden boetes voor overtredingen.
Belastingverdragen
De overheid streeft er primair naar dubbele belastingheffing voor internationale bedrijven te voorkomen. Als land met een traditionele handelsoriëntatie beschikt Nederland over een uitgebreid en gunstig netwerk van fiscale verdragen met een groot aantal landen.
Een belastingverdrag is een overeenkomst tussen twee landen over wie het heffingsrecht heeft. Het ene land heft dan belasting, terwijl het andere land een vermindering of vrijstelling verleent. Als een bedrijf inkomsten genereert op de voormalige Nederlandse Antillen en Aruba, geldt de Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK) tussen Nederland en de (voormalige) Antillen en Aruba. De Belastingregeling voor het Koninkrijk is geen verdrag, hoewel de toepassing parallellen vertoont met een verdrag.
Sinds 2010 geldt een afzonderlijke regeling voor Bonaire, Sint-Eustatius en Saba (BES-eilanden).
Overige belastingen
Enkele andere belastingen zijn eveneens belangrijk in Nederland, zoals de erf- en schenkbelasting, overdrachtsbelasting, assurantiebelasting en kansspelbelasting. Daarnaast heffen gemeenten lokale belastingen op het gebruik en bezit van onroerend goed (OZB). Een advocaat in Nederland kan helpen bij het navigeren door de verschillende aspecten van de wetgeving en fiscaliteit.
Veelgestelde vragen over belastingen in Nederland voor buitenlanders
Is het mogelijk de dividendbelasting in Nederland te optimaliseren via internationale verdragen?
Ja, de Nederlandse belastingwetgeving staat de toepassing van internationale verdragen toe om de fiscale druk te verlagen. Dankzij dergelijke verdragen kan dubbele heffing over dividenden worden verminderd of voorkomen. Dit is vooral gunstig voor bedrijven met een internationale aanwezigheid. Uitkeringen aan aandeelhouders zijn doorgaans onderworpen aan 15% bronbelasting. Echter, bij toepassing van een verdrag kan dit tarief worden verlaagd of op nul worden gesteld als de moedermaatschappij voldoet aan de voorwaarden voor de deelnemingsvrijstelling.
Welke belastingen moeten particulieren in Nederland betalen?
Voor particulieren geldt het standaard inkomstenbelastingstelsel, waarbij zij in 2026 tussen 35,75% en 49,50% inkomstenbelasting betalen over inkomen uit werk, aanmerkelijk belang of vermogen, de verplichte omzetbelasting (BTW) van 21% (met uitzondering van bepaalde producten die onder het 9%-tarief vallen), evenals belastingen op onroerend goed, schenkingen en erfenissen.
Hoe worden belastingen voor rechtspersonen berekend?
Een eigenaar van een besloten vennootschap (B.V.) die jaarlijks minder dan € 200.000 winst maakt, is verplicht vennootschapsbelasting te betalen tegen een tarief van 19%. Als de jaarwinst dit bedrag overschrijdt, stijgt het tarief naar 25,8%. Holdingmaatschappijen kunnen aanspraak maken op de deelnemingsvrijstelling, waardoor de effectieve belastingdruk daalt. Er zijn ook faciliteiten voor buitenlandse ondernemers met innovatieve start-ups in engineering en IT (WBSO/Innovatiebox).
Hoe betalen ondernemers belasting die zowel in Nederland als daarbuiten actief zijn?
Bedrijven waarvan de eigenaren buitenlandse staatsburgers zijn, zijn verplicht vennootschapsbelasting (19%-25,8%) aan de Nederlandse staat te betalen over de winst die zij hebben behaald met hun onderneming in Nederland. Inkomen verkregen uit de verkoop van goederen of diensten in andere landen (zonder vaste inrichting in NL) wordt in principe niet in Nederland belast, afhankelijk van verdragen.
Wat is de overdrachtsbelasting voor buitenlanders?
Bij de aankoop van vastgoed in Nederland dient men overdrachtsbelasting te betalen. Sinds 1 januari 2026 geldt voor beleggers die een woning kopen die niet als hoofdverblijf dient een tarief van 8% (voorheen 10,4%); voor bedrijfspanden blijft het tarief 10,4%. Daarnaast betaalt de eigenaar van een woning of bedrijfspand jaarlijks onroerendezaakbelasting (OZB), variërend van 0,1% tot 0,3% van de WOZ-waarde. Ook over vastgoed dat wordt geschonken of geërfd is belasting verschuldigd.
Wat zijn de belastingtarieven in Nederland in 2026?
Het tarief voor de inkomstenbelasting varieert van 35,75% tot 49,50%, afhankelijk van de hoogte van het inkomen (35,75% tot € 38.883, 37,56% tot € 78.426, en 49,50% daarboven). Het algemene BTW-tarief bedraagt 21%, met een verlaagd tarief van 9% voor bepaalde categorieën goederen en diensten.
Wat houdt het Nederlandse belastingstelsel in?
Het Nederlandse belastingstelsel is gebaseerd op een progressief stelsel voor de inkomstenbelasting (Box 1, 2 en 3) en omvat verplichte premies volksverzekeringen.
Hoe hoog is de dividendbelasting in Nederland?
De dividendbelasting in Nederland bedraagt 15%. Dit tarief kan door internationale verdragen worden verlaagd of volledig op nul worden gesteld bij toepassing van de deelnemingsvrijstelling.