Nederlandse wetgeving

Artikel 56

geldend

Disciplinaire straffen

Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen · Hoofdstuk X · Geldig vanaf 2021-01-01

Bron
1.

Indien de tenuitvoerlegging van de opsluiting in een strafcel of andere verblijfsruimte in de inrichting of de afdeling waarin zij is opgelegd niet mogelijk is of op ernstige bezwaren stuit, kan zij in een andere inrichting of afdeling worden ondergaan.

2.

Indien de directeur van oordeel is dat de in het eerste lid bedoelde omstandigheid zich voordoet, plaatst hij in overeenstemming met Onze Minister de jeugdige hiertoe over.

3.

Onze Minister stelt nadere regels omtrent de procedure van overplaatsing ingevolge het tweede lid.