Nederlandse wetgeving

Artikel 42

geldend

Toegelaten instellingen · Werkzaamheden

Woningwet · Hoofdstuk IV · Afdeling 3 · Geldig vanaf 2026-07-01

Bron
1.

De toegelaten instelling draagt met haar werkzaamheden naar redelijkheid bij aan de uitvoering van het volkshuisvestingsprogramma van de gemeenten waar zij feitelijk werkzaam is.

2.

De toegelaten instelling zet haar middelen bij voorrang in om te voldoen aan de uitvoering van het volkshuisvestingsprogramma voor zover het ziet op het gebied van de volkshuisvesting als bedoeld in artikel 45 en overigens ten behoeve van de volkshuisvesting. Daartoe behoort tevens het inzetten van middelen ten behoeve van het door andere toegelaten instellingen toepassing geven aan het eerste lid. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen gevallen worden bepaald waarin de toegelaten instelling toepassing geeft aan de tweede volzin.

3.

De toegelaten instelling bestemt batige saldi en andere middelen, voor zover aanhouding daarvan niet noodzakelijk is voor haar voortbestaan in financieel opzicht, uitsluitend voor werkzaamheden op het gebied van de volkshuisvesting.

4.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven omtrent de toepassing van het eerste lid en het tweede lid en omtrent de indicatie van de middelen welke de toegelaten instelling ter beschikking staan ter uitvoering van het eerste lid.