Nederlandse wetgeving

Artikel 188

geldend

Van chèques, en van promessen en quitantiën aan toonder · Van de uitgifte en den vorm van de chèque

Wetboek van Koophandel — Eerste Boek · Boek 1 Van den koophandel in het algemeen · Titel 7 · Afdeling 1 · Geldig vanaf 1934-07-01

Bron

Ieder, die zijne handteekening op eene chèque plaatst als vertegenwoordiger van eenen persoon, voor wien hij niet de bevoegdheid had te handelen, is zelf krachtens de chèque verbonden, en heeft, betaald hebbende, dezelfde rechten, als de beweerde vertegenwoordigde zou hebben gehad. Hetzelfde geldt ten aanzien van den vertegenwoordiger, die zijne bevoegdheid heeft overschreden.