Nederlandse wetgeving

Artikel 82

geldend

Rechtsmiddelen · Asiel

Vreemdelingenwet 2000 · Hoofdstuk 7 · Afdeling 3 · Geldig vanaf 2026-06-12

Bron
1.

Onverminderd artikel 68, eerste en tweede lid, van de Procedureverordening, wordt de werking van het besluit omtrent een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28 opgeschort totdat de beroepstermijn is verstreken of, indien beroep is ingesteld, op het beroep is beslist.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing, indien:

a.

artikel 68, derde lid, van de Procedureverordening van toepassing is;

b.

artikel 43, derde lid, van de Asiel- en migratiebeheerverordening van toepassing is;

c.

het een besluit als bedoeld in artikel 43 of 45, vierde lid, betreft.

3.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het recht om al dan niet in afwachting van de uitspraak op een verzoek om een voorlopige voorziening in Nederland te mogen verblijven.

Uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin dit artikel wordt toegepast.

2025-12-22 · ECLI:NL:RVS:2025:6279

Bij besluit van 7 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie. appellant in bewaring gesteld.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2025-12-11 · ECLI:NL:RVS:2025:6031

Appellanten hebben beroepen ingesteld tegen het niet tijdig nemen van besluiten op aanvragen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 16 juli 2025 heeft de rechtbank de beroepen gegrond verklaard, het met besluiten gelijk te stellen niet tijdig nemen van besluiten vernietigd, de minister opgedragen om binnen acht weken na de dag van verzending van de uitspraak met de algemene asielprocedure aan te vangen en binnen acht weken na deze aanvang besluiten op de aanvragen bekend te maken, en bepaald dat de minister aan appellanten gezamenlijk een dwangsom van € 100,00 moet betalen, voor elke dag dat zij die termijnen overschrijdt, tot een maximum van € 15.000,00.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2025-07-14 · ECLI:NL:RVS:2025:3199

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2025-07-01 · ECLI:NL:RVS:2025:2925

Bij besluit van 18 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2023-11-22 · ECLI:NL:RVS:2023:4199

Bij besluit van 24 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Deze uitspraak gaat over de vraag of een door de Afdeling getroffen voorlopige voorziening op verzoek van de staatssecretaris de Dublin overdrachtstermijn van zes maanden kan opschorten. Het antwoord op die vraag is van belang voor de beantwoording van de vraag welke lidstaat verantwoordelijk is voor de inhoudelijke behandeling van de asielaanvraag. En dus voor de vraag of de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen terecht niet in behandeling heeft genomen.

Uitspraak op rechtspraak.nl