Nederlandse wetgeving

Artikel 18a

geldend

Personen met bijzondere opvangbehoeften

Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 · Hoofdstuk IVa · Geldig vanaf 2026-06-12

Bron
1.

Het COA zorgt ervoor dat tijdens het verblijf in de opvangvoorziening rekening wordt gehouden met de specifieke situatie van personen met bijzondere opvangbehoeften als bedoeld in artikel 24, alsmede vreemdelingen die een die een overdrachtsbesluit als bedoeld in artikel 44a van de Vreemdelingenwet 2000 hebben ontvangen van de Opvangrichtlijn.

2.

Ter uitvoering van het eerste lid beoordeelt het COA zo spoedig mogelijk na indiening van de asielaanvraag of de asielzoeker bijzondere opvangbehoeften heeft. De uitkomst wordt opgenomen in zijn dossier, met vermelding van een beschrijving van de zichtbare tekenen of de verklaringen of gedragingen die relevant zijn voor de beoordeling van de bijzondere opvangbehoeften, alsmede de maatregelen die zijn vastgesteld om in die behoeften te voorzien.

3.

Indien de asielzoeker overeenkomstig het tweede lid bijzondere opvangbehoeften heeft, wordt naast de verstrekkingen, bedoeld in artikel 9, eerste lid, of artikel 9a specifieke steun en begeleiding geboden.

4.

De in het tweede lid bedoelde beoordeling wordt afgerond binnen 30 dagen na indiening van de asielaanvraag.

5.

Indien er aanwijzingen zijn dat de mentale of fysieke gezondheid van invloed kan zijn op de opvangbehoeften wordt de asielzoeker ter nadere beoordeling van zijn psychologische en fysieke toestand doorverwezen naar een geschikte arts of psycholoog. Indien nodig wordt een mondelinge vertaling verzorgd.