Nederlandse wetgeving

Artikel 2:334d

geldend

Fusie en splitsing · Algemene bepalingen omtrent splitsingen

Burgerlijk Wetboek Boek 2 (rechtspersonen) · Titel 7 · Afdeling 4 · Geldig vanaf 1998-02-01

Bron

Behalve voor zover de verkrijgende rechtspersonen naamloze of besloten vennootschappen zijn, moet de waarde van het deel van het vermogen van de splitsende rechtspersoon dat elke verkrijgende rechtspersoon verkrijgt ten tijde van de splitsing ten minste nul zijn. Behalve voor zover de splitsende vennootschap een naamloze of besloten vennootschap is, geldt hetzelfde voor de waarde van het deel van het vermogen dat een voortbestaande splitsende rechtspersoon behoudt, vermeerderd met de waarde van aandelen in het kapitaal van verkrijgende rechtspersonen die hij bij de splitsing verkrijgt.