Nederlandse wetgeving

Artikel 1:377e

geldend

Omgang en informatie

Burgerlijk Wetboek — Boek 1 · Titel 15 · Geldig vanaf 2018-01-01

Bron
1.

De rechtbank kan op verzoek van de ouders of van een van hen of van degene die in een nauwe persoonlijke betrekking staat tot het kind een beslissing inzake de omgang alsmede een door de ouders onderling getroffen omgangsregeling wijzigen op grond dat nadien de omstandigheden zijn gewijzigd, of dat bij het nemen van de beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan.

2.

De rechtbank kan op verzoek van een ouder, of van een biologische ouder die in een nauwe persoonlijke betrekking staat tot het kind, een beslissing waarbij de omgang is ontzegd tevens wijzigen na verloop van een periode van een jaar nadat de eerdere beschikking in kracht van gewijsde is gegaan.

3.

Indien de ene ouder wordt verdacht van het doden van de andere ouder, of indien de ene ouder is veroordeeld wegens het doden van de andere ouder, en de rechter heeft de omgang ontzegd voor een duur van twee jaar of meer, dan kan de rechter, in afwijking van het tweede lid, de beslissing waarbij de omgang is ontzegd, onverminderd het eerste lid, niet eerder wijzigen op verzoek van de ouder dan na verloop van een periode van twee jaar nadat de eerdere beschikking in kracht van gewijsde is gegaan.

Uitspraken van de Hoge Raad waarin dit artikel wordt toegepast.

2025-06-20 · ECLI:NL:HR:2025:976

Personen- en familierecht. Wijziging omgangsregeling (art. 1:377e BW). Kan de rechter in dat kader bepalen wie de reiskosten moet dragen? Gelijke verdeling van de kosten als uitgangspunt?

Uitspraak op rechtspraak.nl

2021-11-05 · ECLI:NL:HR:2021:1664

Personen- en familierecht. Zorgregeling. Art. 1:253a BW. Mocht hof bepalen dat de gezinsvoogd tijdelijk wijziging in de zorgregeling kan aanbrengen? Is voorwaarde dat in ieder geval regelmatig contact tussen kind en ouder zal blijven bestaan, te ruim of onbepaald?

Uitspraak op rechtspraak.nl

2017-05-19 · ECLI:NL:HR:2017:943

Personen- en familierecht. Procesrecht. Gezag en omgang. Uit gezag ontheven moeder verzoekt uitbreiding van de omgangsregeling. In hoger beroep schorst het hof de omgangsregeling op verzoek van de met de voogdij belaste gecertificeerde instelling (GI). Is een GI bevoegd een verzoek m.b.t. de omgangsregeling te doen? Art. 1:377a en 1:377e BW. Art. 8 lid 2 EVRM; is deze inmenging in het omgangsrecht bij wet voorzien? Omvang rechtsstrijd in hoger beroep. Art. 362 Rv belet dat voor het eerst in hoger beroep een zelfstandig verzoek wordt gedaan.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2015-05-29 · ECLI:NL:HR:2015:1409

Personen- en familierecht. Zelfstandig verzoek minderjarige tot benoeming bijzonder curator; art. 1:250 BW (HR 4 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4850, NJ 2005/422). Informeel verzoek minderjarige tot toekennen eenhoofdig gezag, omgang of informatie, verdeling zorg- en opvoedingstaken (art. 1:251a lid 4 BW, art. 1:377g BW, art. 1:253a lid 4 BW). Zelfstandige bevoegdheid minderjarige tot instellen hoger beroep? HR 1 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ0245; HR 5 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3535, NJ 2015/57.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2011-06-10 · ECLI:NL:HR:2011:BP9998

Art. 81 RO. Familierecht. Verzoek tot wijziging omgangsregeling; art. 1:377e BW. Waardering deskundigenbewijs.

Uitspraak op rechtspraak.nl