Nederlandse wetgeving

Artikel 468

geldend

Herziening van arresten en vonnissen · Herziening ten voordele van de gewezen verdachte

Wetboek van Strafvordering (Sv) · Titel VIII · Afdeling 1 · Geldig vanaf 2012-10-01

Bron
1.

Op de terechtzitting van de enkelvoudige kamer, of op de terechtzitting van de meervoudige kamer wanneer de raadsman daar de herzieningsaanvraag mondeling heeft toegelicht, dan wel op een nadere terechtzitting neemt de procureur-generaal zijn conclusie, die hij aan de Hoge Raad overlegt.

2.

Voorafgaand aan zijn conclusie kan de procureur-generaal ambtshalve een nader onderzoek instellen als bedoeld in de artikelen 461 en 463 alsmede een advies inwinnen bij de commissie als bedoeld in artikel 462. De artikelen 461, 462, eerste, derde en vierde lid, 463 en 464 zijn van overeenkomstige toepassing.

3.

Nadat de procureur-generaal zijn conclusie heeft genomen wordt de dag voor de uitspraak bepaald.

4.

Aan de raadsman wordt een afschrift van de conclusie toegezonden.

5.

De raadsman kan binnen twee weken na verzending van het afschrift van de conclusie zijn schriftelijk commentaar daarop aan de Hoge Raad doen toekomen.