Nederlandse wetgeving

Artikel 193

geldend

Van chèques, en van promessen en quitantiën aan toonder · Van de overdracht

Wetboek van Koophandel — Eerste Boek · Titel 7 · Afdeling 2 · Geldig vanaf 1934-07-01

Bron
1.

Het endossement moet gesteld worden op de chèque of op een vastgehecht blad (verlengstuk). Het moet worden onderteekend door den endossant.

2.

Het endossement kan den geëndosseerde onvermeld laten, of bestaan uit de enkele handteekening van den endossant (endossement in blanco). In het laatste geval moet het endossement om geldig te zijn, op de rugzijde van de chèque of op het verlengstuk worden gesteld.