Nederlandse wetgeving

Artikel 155

geldend

HET BUREAU

Verordening (EU) 2017/1001 (Uniemerk) · Hoofdstuk 12 · Geldig vanaf None

Bron

1. De raad van bestuur kiest uit zijn leden een voorzitter en een ondervoorzitter. De ondervoorzitter vervangt ambtshalve de voorzitter indien deze is verhinderd.

2. De ambtstermijn van de voorzitter en de ondervoorzitter bedraagt vier jaar. De termijn kan eenmaal worden verlengd. De ambtstermijn eindigt echter automatisch wanneer zij niet langer lid zijn van de raad van bestuur.