Nederlandse wetgeving

Titel 2.5

geldend

Nadere voorschriften media-aanbod publieke mediadiensten

Mediawet 2008 (Mediawet 2008) · Artikelen: 68

Afdeling 2.5.1

Verantwoordelijkheid en verplichtingen

2.88 Artikel 2.88

De publieke media-instellingen bepalen, onverminderd het bepaalde bij of krachtens deze wet, vorm en inhoud van het door hen verzorgde media-aanbod…

gecontroleerd
2.88a Artikel 2.88a

Publieke media-instellingen stellen ten minste de volgende gegevens van de media-instelling gemakkelijk, rechtstreeks en permanent beschikbaar voor…

gecontroleerd
2.88b Artikel 2.88b

Reclame- en telewinkelboodschappen en gesponsord media-aanbod zijn als zodanig herkenbaar.

gecontroleerd

Afdeling 2.5.2

Reclame en telewinkelen

2.89 Artikel 2.89

Tenzij dit bij of krachtens deze wet is toegestaan, bevat het media-aanbod van de publieke mediadiensten geen:

gecontroleerd
2.90 Artikel 2.90

Behoudens toestemming van het Commissariaat bevat het media-aanbod van de publieke mediadiensten geen oproepen in het kader van ledenwerving, andere…

gecontroleerd
2.91 Artikel 2.91

In het media-aanbod van de publieke mediadiensten mogen reclame- en telewinkelboodschappen die zijn aangeboden door derden worden opgenomen.

gecontroleerd
2.92 Artikel 2.92

De Ster en de regionale en lokale publieke media-instellingen die reclame- of telewinkelboodschappen in het media-aanbod opnemen, zijn aangesloten…

gecontroleerd
2.93 Artikel 2.93

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop inzicht wordt gegeven in de financiën die…

gecontroleerd
2.94 Artikel 2.94

Reclame- en telewinkelboodschappen zijn door akoestische of visuele middelen duidelijk onderscheiden van de overige inhoud van het programma-aanbod.

gecontroleerd
2.95 Artikel 2.95

Het aandeel reclame- en telewinkelboodschappen in het programma-aanbod bedraagt:

gecontroleerd
2.96 Artikel 2.96

Reclame- en telewinkelboodschappen in het programma-aanbod worden zodanig geplaatst dat zij:

gecontroleerd
2.97 Artikel 2.97

In programma’s worden alleen reclame- of telewinkelboodschappen opgenomen als:

gecontroleerd
2.98 Artikel 2.98

De artikelen 2.94 tot en met 2.97 zijn zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing op het overige media-aanbod van de publieke mediadiensten. Wat…

gecontroleerd
2.99 Artikel 2.99

De Stichting Etherreclame heeft tot taak het verzorgen van media-aanbod voor de landelijke publieke mediadienst en, op verzoek, voor de regionale en…

gecontroleerd
2.99a Artikel 2.99a

De organen van de Ster zijn een raad van toezicht en een bestuur.

gecontroleerd
2.99b Artikel 2.99b

De raad van toezicht van de Ster bestaat uit vijf leden die op voordracht van de raad van toezicht door Onze Minister worden benoemd en die door Onze…

gecontroleerd
2.99c Artikel 2.99c

Bij een vacature draagt de raad van toezicht van de Ster zorg voor de procedure die leidt tot de voordracht, bedoeld in artikel 2.99b, eerste lid.

gecontroleerd
2.99d Artikel 2.99d

Het lidmaatschap van de raad van toezicht van de Ster is onverenigbaar met:

gecontroleerd
2.99e Artikel 2.99e

De raad van toezicht van de Ster houdt toezicht op het beleid van het bestuur van de Ster en op de algemene gang van zaken binnen de Ster en staat…

gecontroleerd
2.100 Artikel 2.100

Het bestuur van de Ster bestaat uit ten hoogste drie leden, die door de raad van toezicht van de Ster worden benoemd, geschorst en ontslagen.

gecontroleerd
2.101 Artikel 2.101

Benoeming van de leden van het bestuur van de Ster geschiedt voor een periode van vijf jaar en herbenoeming voor een aansluitende periode is eenmaal…

gecontroleerd
2.101a Artikel 2.101a

Het bestuur van de Ster bestuurt de Ster.

gecontroleerd
2.102 Artikel 2.102

De Ster verstrekt Onze Minister desgevraagd alle inlichtingen met betrekking tot de werkzaamheden van de Ster.

gecontroleerd
2.102a Artikel 2.102a

Als de Ster naar de mening van Onze Minister haar taken ernstig verwaarloost, kan Onze Minister na overleg met de Ster de noodzakelijke voorzieningen…

gecontroleerd
2.103 Artikel 2.103

De Ster stelt jaarlijks vóór 1 juni een bestuursverslag over het afgelopen kalenderjaar vast.

gecontroleerd
2.104 Artikel 2.104

Wijzigingen in de statuten van de Ster behoeven de instemming van Onze Minister.

gecontroleerd
2.104a Artikel 2.104a

De raad van bestuur bevordert dat tussen de NPO en de Ster afspraken tot stand komen over het beleid inzake de inkomsten uit reclame- en…

gecontroleerd
2.105 Artikel 2.105

De Ster doet jaarlijks vóór 15 september aan Onze Minister opgave van de verwachte inkomsten uit de reclame- en telewinkelboodschappen van de…

gecontroleerd

Afdeling 2.5.3

Sponsoring

2.106 Artikel 2.106

Media-aanbod van de publieke mediadiensten wordt niet gesponsord.

gecontroleerd
2.107 Artikel 2.107

Bij gesponsord media-aanbod wordt ter informatie van het publiek duidelijk vermeld dat en door wie het media-aanbod is gesponsord.

gecontroleerd
2.108 Artikel 2.108

In gesponsord media-aanbod mogen producten of diensten van een sponsor worden vermeld of getoond, behalve als deze een bijdrage in geld heeft gegeven…

gecontroleerd
2.109 Artikel 2.109

Sponsorbijdragen worden rechtstreeks van de sponsors en door middel van een schriftelijke overeenkomst bedongen of aanvaard.

gecontroleerd
2.110 Artikel 2.110

De landelijke publieke media-instellingen sturen een afschrift van een sponsorovereenkomst aan de raad van bestuur:

gecontroleerd
2.111 Artikel 2.111

Als de raad van bestuur binnen twee weken na ontvangst van het afschrift van de sponsorovereenkomst, of in het geval van artikel 2.110, onderdeel b…

gecontroleerd
2.112 Artikel 2.112

De artikelen 2.110 en 2.111 zijn van overeenkomstige toepassing op de wijziging van een sponsorovereenkomst.

gecontroleerd
2.113 Artikel 2.113

De publieke media-instellingen brengen jaarlijks via de jaarrekening verslag uit over de inkomsten uit sponsorbijdragen, het gesponsorde media-aanbod…

gecontroleerd
2.114 Artikel 2.114

De artikelen 2.107 tot en met 2.113 zijn van overeenkomstige toepassing als een andere instelling dan bedoeld in de begripsomschrijving van…

gecontroleerd

Afdeling 2.5.4

Europese producties, onafhankelijke producties, Nederlands- en Friestalige producties en films

2.115 Artikel 2.115

Op elk televisieprogrammakanaal van de landelijke en regionale publieke mediadienst bestaat het programma-aanbod voor ten minste vijftig procent van…

gecontroleerd
2.116 Artikel 2.116

Bij algemene maatregel van bestuur wordt vastgesteld hoeveel procent van het totaal van de budgetten, bedoeld in artikel 2.149, eerste lid, met…

gecontroleerd
2.117 Artikel 2.117

Op elk van de televisieprogrammakanalen van de regionale publieke mediadienst bestaat het programma-aanbod voor ten minste tien procent van de duur…

gecontroleerd
2.118 Artikel 2.118 vervallen
2.119 Artikel 2.119

Ten minste een derde deel van de programma’s, bedoeld in de artikelen 2.116 en 2.117, is niet ouder dan vijf jaar.

gecontroleerd
2.120 Artikel 2.120

Als onafhankelijke productie wordt aangemerkt media-aanbod dat niet geproduceerd is door:

gecontroleerd
2.121 Artikel 2.121

Voor de toepassing van de artikelen 2.116, tweede lid, en 2.117 tot en met 2.120 blijft buiten beschouwing media-aanbod:

gecontroleerd
2.122 Artikel 2.122

Op elk televisieprogrammakanaal van de landelijke en regionale publieke mediadienst bestaat het programma-aanbod voor ten minste vijftig procent van…

gecontroleerd
2.123 Artikel 2.123

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de ondertiteling van televisieprogramma-aanbod, waarbij onder meer kan worden…

gecontroleerd
2.124 Artikel 2.124

In het media-aanbod van de publieke mediadiensten worden geen films opgenomen buiten de met de rechthebbenden overeengekomen periodes.

gecontroleerd

Afdeling 2.5.5

Stichting Stimuleringsfonds Nederlandse culturele mediaproducties

2.125 Artikel 2.125 vervallen
2.126 Artikel 2.126 vervallen
2.127 Artikel 2.127 vervallen
2.128 Artikel 2.128 vervallen
2.129 Artikel 2.129 vervallen
2.130 Artikel 2.130 vervallen
2.131 Artikel 2.131 vervallen

Afdeling 2.5.6

Nevenactiviteiten en overige bepalingen

2.132 Artikel 2.132

De NPO en de publieke media-instellingen mogen alleen na voorafgaande toestemming van het Commissariaat nevenactiviteiten verrichten.

gecontroleerd
2.133 Artikel 2.133

Op overeenkomsten ter zake van nevenactiviteiten die er toe strekken om rechten op en de bekendheid van media-aanbod dat voor de landelijke publieke…

gecontroleerd
2.134 Artikel 2.134

In het kader van nevenactiviteiten kunnen de NPO en de publieke media-instellingen rechtspersonen of samenwerkingsverbanden oprichten of daarin…

gecontroleerd
2.135 Artikel 2.135

Tenzij bij of krachtens deze wet anders is bepaald, gebruiken de NPO, de RPO en de publieke media-instellingen al hun inkomsten voor de uitvoering…

gecontroleerd
2.136 Artikel 2.136

Omroeporganisaties die een erkenning of een voorlopige erkenning als bedoeld in artikel 2.23 hebben verkregen, kunnen netto inkomsten uit…

gecontroleerd
2.137 Artikel 2.137

Het is omroepverenigingen niet toegestaan in het kader van ledenwerving op geld waardeerbare voordelen aan leden te verstrekken.

gecontroleerd
2.138 Artikel 2.138

Als een omroeporganisatie voornemens is na afloop van de periode waarvoor een erkenning of een voorlopige erkenning als bedoeld in artikel 2.23 is…

gecontroleerd
2.138a Artikel 2.138a

Wanneer een omroeporganisatie uitvoering geeft aan het voornemen, bedoeld in artikel 2.138, eerste lid, draagt zij binnen vier maanden na afloop van…

gecontroleerd
2.138b Artikel 2.138b vervallen
2.139 Artikel 2.139

De landelijke publieke media-instellingen stellen de volgende gegevens van hun programma-aanbod ter beschikking van de NPO: per programma de titel…

gecontroleerd
2.140 Artikel 2.140 vervallen
2.141 Artikel 2.141

De NPO, de RPO en de publieke media-instellingen zijn met al hun activiteiten niet dienstbaar aan het maken van winst door derden en tonen dat…

gecontroleerd
2.142 Artikel 2.142

De NPO, de RPO en de publieke media-instellingen zorgen er voor dat leden van hun organen, werknemers en andere personen of rechtspersonen waarmee…

gecontroleerd
2.142a Artikel 2.142a

De NPO, de RPO, de landelijke en regionale publieke media-instellingen en de instellingen die door Onze Minister zijn aangewezen voor het in stand…

gecontroleerd