Nederlandse wetgeving

Titel 2.2

geldend

Landelijke publieke mediadienst

Mediawet 2008 (Mediawet 2008) · Artikelen: 77

Afdeling 2.2.1

Stichting Nederlandse Publieke Omroep

2.2 Artikel 2.2

De Stichting Nederlandse Publieke Omroep is het sturings- en samenwerkingsorgaan voor de uitvoering van de publieke mediaopdracht op landelijk…

gecontroleerd
2.3 Artikel 2.3

De NPO kan in het kader van haar taak, bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, onderdeel f, in naam van de gezamenlijke landelijke publieke…

gecontroleerd
2.4 Artikel 2.4

De organen van de NPO zijn een raad van toezicht, een raad van bestuur en een college van omroepen.

gecontroleerd
2.5 Artikel 2.5

De raad van toezicht bestaat uit een voorzitter en ten hoogste zes andere leden die op voordracht van Onze Minister bij koninklijk besluit worden…

gecontroleerd
2.6 Artikel 2.6

Het lidmaatschap van de raad van toezicht is onverenigbaar met:

gecontroleerd
2.7 Artikel 2.7

De raad van toezicht is belast met het toezicht op:

gecontroleerd
2.8 Artikel 2.8

De raad van bestuur bestaat uit een voorzitter en ten hoogste twee andere leden die worden benoemd, geschorst en ontslagen door de raad van toezicht.

gecontroleerd
2.9 Artikel 2.9

Op het lidmaatschap van de raad van bestuur is artikel 2.6, eerste lid, aanhef en onderdelen a en c tot en met h, van overeenkomstige toepassing, met…

gecontroleerd
2.10 Artikel 2.10

De raad van bestuur bestuurt de NPO.

gecontroleerd
2.11 Artikel 2.11

De volgende besluiten van de raad van bestuur behoeven de instemming van de raad van toezicht:

gecontroleerd
2.11a Artikel 2.11a

De raad van toezicht en het college van omroepen hebben ten minste tweemaal per jaar overleg.

gecontroleerd
2.12 Artikel 2.12

Het college van omroepen adviseert de raad van toezicht en de raad van bestuur desgevraagd of uit eigen beweging over het beleid inzake het…

gecontroleerd
2.13 Artikel 2.13

Het lidmaatschap van het college van omroepen is onverenigbaar met het lidmaatschap van een redactie als bedoeld in artikel 2.56.

gecontroleerd
2.14 Artikel 2.14

De raad van bestuur vraagt het college van omroepen om advies voordat hij:

gecontroleerd
2.14a Artikel 2.14a

De raad van bestuur benoemt, op voordracht van het college van omroepen, een ombudsman voor de publieke omroep voor een periode van drie jaar…

gecontroleerd
2.15 Artikel 2.15

De NPO verstrekt Onze Minister desgevraagd alle inlichtingen met betrekking tot de werkzaamheden van de NPO.

gecontroleerd
2.16 Artikel 2.16

Als de NPO naar de mening van Onze Minister zijn taken ernstig verwaarloost, kan Onze Minister na overleg met de NPO de noodzakelijke voorzieningen…

gecontroleerd
2.17 Artikel 2.17

De NPO stelt jaarlijks vóór 1 juni een bestuursverslag over het afgelopen kalenderjaar vast.

gecontroleerd
2.18 Artikel 2.18

Wijzigingen in de statuten van de NPO behoeven de instemming van Onze Minister.

gecontroleerd
2.19 Artikel 2.19

Voor de verwezenlijking van de publieke mediaopdracht op landelijk niveau wordt bij koninklijk besluit aan de NPO een concessie verleend.

gecontroleerd
2.20 Artikel 2.20

Voorafgaand aan de concessieverlening en vóór aanvang van de tweede periode van vijf jaar van de concessieperiode dient de NPO een…

gecontroleerd
2.21 Artikel 2.21

De NPO maakt het concessiebeleidsplan openbaar.

gecontroleerd
2.21a Artikel 2.21a

Artikel 2.21, derde lid, is niet van toepassing, als bij wijze van experiment van beperkte omvang of duur media-aanbod via andere aanbodkanalen dan…

gecontroleerd
2.22 Artikel 2.22

Mede op basis van het concessiebeleidsplan sluiten Onze Minister en de NPO een prestatieovereenkomst voor de duur van het concessiebeleidsplan.

gecontroleerd

Afdeling 2.2.2

Omroeporganisaties

2.23 Artikel 2.23

Onze Minister kan eens in de vijf jaar aan ten hoogste zes omroeporganisaties erkenningen verlenen voor de verzorging van media-aanbod voor de…

gecontroleerd
2.24 Artikel 2.24

Een omroepvereniging is een vereniging die:

gecontroleerd
2.24a Artikel 2.24a

Een samenwerkingsomroep is een vereniging of stichting waarin twee of meer omroepverenigingen vertegenwoordigd zijn, die gericht is op het voeren van…

gecontroleerd
2.25 Artikel 2.25

Voor een erkenning komt slechts in aanmerking een omroeporganisatie:

gecontroleerd
2.26 Artikel 2.26

Voor een voorlopige erkenning komt slechts in aanmerking een omroepvereniging die:

gecontroleerd
2.27 Artikel 2.27

Het Commissariaat stelt het aantal leden per omroeporganisatie die een aanvraag voor een erkenning of voorlopige erkenning heeft ingediend vast op…

gecontroleerd
2.28 Artikel 2.28 vervallen
2.29 Artikel 2.29

Een erkenning of een voorlopige erkenning wordt op aanvraag verleend en geldt voor een periode van vijf jaar die samenvalt met een vijfjaarlijkse…

gecontroleerd
2.30 Artikel 2.30

Een aanvraag voor een erkenning of voorlopige erkenning bevat de statuten van de aanvrager en een beleidsplan.

gecontroleerd
2.31 Artikel 2.31

Voordat Onze Minister besluit over het verlenen van een erkenning of voorlopige erkenning vraagt hij de Raad voor cultuur, het Commissariaat en de…

gecontroleerd
2.32 Artikel 2.32

Onze Minister wijst een aanvraag voor een erkenning of een voorlopige erkenning af als de aanvrager niet voldoet aan de artikelen 2.24, 2.24a, 2.25…

gecontroleerd
2.33 Artikel 2.33

Onze Minister trekt een erkenning of een voorlopige erkenning in als een instelling niet meer voldoet aan de artikelen 2.24, 2.24a, 2.25, eerste lid…

gecontroleerd
2.34 Artikel 2.34

De omroeporganisaties zijn verplicht gedurende de erkenningperiode media-aanbod te verzorgen, waaronder in elk geval radio- en televisieprogramma’s.

gecontroleerd

Afdeling 2.2.2a

Nederlandse Omroep Stichting

2.34a Artikel 2.34a

De Nederlandse Omroep Stichting heeft tot taak media-aanbod voor de landelijke publieke mediadienst te verzorgen op het gebied van nieuws, sport en…

gecontroleerd
2.34b Artikel 2.34b

De organen van de NOS zijn een raad van toezicht en een directie.

gecontroleerd
2.34c Artikel 2.34c

De raad van toezicht van de NOS bestaat uit vijf of zeven leden die op zwaarwegende voordracht van de raad van toezicht door Onze Minister worden…

gecontroleerd
2.34d Artikel 2.34d

Het lidmaatschap van de raad van toezicht van de NOS is onverenigbaar met:

gecontroleerd
2.34e Artikel 2.34e

De raad van toezicht houdt toezicht op het beleid van de directie en op de algemene gang van zaken binnen de NOS en de pluriformiteit van het…

gecontroleerd
2.34f Artikel 2.34f

De directie van de NOS bestaat uit ten hoogste drie leden die worden benoemd, geschorst en ontslagen door de raad van toezicht.

gecontroleerd
2.34g Artikel 2.34g

De directie bestuurt de NOS.

gecontroleerd
2.34h Artikel 2.34h

De NOS verstrekt Onze Minister desgevraagd alle inlichtingen met betrekking tot de werkzaamheden van de stichting.

gecontroleerd
2.34i Artikel 2.34i

De NOS stelt jaarlijks vóór 1 mei een bestuursverslag over het afgelopen kalenderjaar vast.

gecontroleerd
2.34j Artikel 2.34j

Wijziging in de statuten van de NOS behoeven de instemming van Onze Minister.

gecontroleerd

Afdeling 2.2.3

Stichting NTR

2.35 Artikel 2.35

De Stichting NTR heeft tot taak media-aanbod voor de landelijke publieke mediadienst te verzorgen dat voorziet in de bevrediging van in de…

gecontroleerd
2.35a Artikel 2.35a

De organen van de NTR zijn een raad van toezicht, een algemeen directeur en een adviesraad.

gecontroleerd
2.36 Artikel 2.36

De raad van toezicht van de NTR bestaat uit vijf of zeven leden die op zwaarwegende voordracht van de raad van toezicht door Onze Minister worden…

gecontroleerd
2.37 Artikel 2.37

Het lidmaatschap van de raad van toezicht van de NTR is onverenigbaar met:

gecontroleerd
2.37a Artikel 2.37a

De raad van toezicht houdt toezicht op het beleid van de algemeen directeur, op de algemene gang van zaken binnen de NTR en op de pluriformiteit van…

gecontroleerd
2.37b Artikel 2.37b

De algemeen directeur van de NTR wordt benoemd, geschorst en ontslagen door de raad van toezicht.

gecontroleerd
2.37c Artikel 2.37c

De algemeen directeur bestuurt de NTR.

gecontroleerd
2.38 Artikel 2.38

De statuten van de NTR regelen de instelling van een adviesraad die de algemeen directeur adviseert over het media-aanbod van de NTR.

gecontroleerd
2.39 Artikel 2.39

De NTR verstrekt Onze Minister desgevraagd alle inlichtingen met betrekking tot de werkzaamheden van de NTR.

gecontroleerd
2.40 Artikel 2.40

De NTR stelt jaarlijks vóór 1 juni een bestuursverslag vast over het afgelopen kalenderjaar.

gecontroleerd
2.41 Artikel 2.41

Wijzigingen in de statuten van de NTR behoeven de instemming van Onze Minister.

gecontroleerd

Afdeling 2.2.4

Kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag

2.42 Artikel 2.42 vervallen
2.43 Artikel 2.43 vervallen
2.44 Artikel 2.44 vervallen
2.45 Artikel 2.45 vervallen
2.46 Artikel 2.46 vervallen
2.47 Artikel 2.47 vervallen
2.48 Artikel 2.48 vervallen
2.49 Artikel 2.49 vervallen

Afdeling 2.2.5

Coördinatie en ordening aanbodkanalen

2.50 Artikel 2.50

Gedurende de concessieperiode, bedoeld in artikel 2.19, wordt:

gecontroleerd
2.51 Artikel 2.51

Het media-aanbod van de landelijke publieke media-instellingen en de Ster wordt uitsluitend verspreid via een aanbodkanaal als bedoeld in artikel…

gecontroleerd
2.52 Artikel 2.52

Bij de coördinatie en ordening op en tussen de aanbodkanalen kan de raad van bestuur voorstellen voor programma’s toetsen aan de kwantitatieve en…

gecontroleerd
2.53 Artikel 2.53

De raad van bestuur verzorgt de plaatsing van het media-aanbod van de landelijke publieke media-instellingen en de Ster op de aanbodkanalen.

gecontroleerd
2.54 Artikel 2.54

De raad van bestuur zorgt er in het kader van de coördinatie voor dat het media-aanbod op de aanbodkanalen van de landelijke publieke mediadienst…

gecontroleerd
2.55 Artikel 2.55

De raad van bestuur bevordert dat tussen de NPO en de landelijke publieke media-instellingen afspraken tot stand komen over de kwantitatieve en…

gecontroleerd
2.56 Artikel 2.56

Voor de coördinatie en ordening op en tussen de aanbodkanalen van het media-aanbod van de landelijke publieke mediadienst wordt de raad van bestuur…

gecontroleerd
2.57 Artikel 2.57

Een regeling voor de coördinatie en ordening van het media-aanbod als bedoeld in artikel 2.10, tweede lid, onderdeel c, regelt in elk geval:

gecontroleerd
2.58 Artikel 2.58

De NPO stuurt jaarlijks vóór 1 juni aan het Commissariaat en Onze Minister een verslag over het afgelopen kalenderjaar met daarin in elk geval:

gecontroleerd
2.59 Artikel 2.59

De landelijke publieke media-instellingen en de Ster verstrekken desgevraagd aan de raad van toezicht van de NPO, de raad van bestuur en de door hem…

gecontroleerd
2.60 Artikel 2.60

Onverminderd artikel 2.88, eerste lid, zijn de regelingen, bedoeld in artikel 2.10, tweede lid, onderdeel c, en de overige besluiten die de raad van…

gecontroleerd