Nederlandse wetgeving

Titel 11

geldend

Rechtsvorderingen

Burgerlijk Wetboek Boek 3 (vermogensrecht in het algemeen) (Burgerlijk Wetboek Boek 3) · Artikelen: 41

3:296 Artikel 3:296

Tenzij uit de wet, uit de aard der verplichting of uit een rechtshandeling anders volgt, wordt hij die jegens een ander verplicht is iets te geven…

gecontroleerd
3:297 Artikel 3:297

Indien een prestatie door tenuitvoerlegging van een executoriale titel wordt afgedwongen, heeft dit dezelfde rechtsgevolgen als die van een…

gecontroleerd
3:298 Artikel 3:298

Vervolgen twee of meer schuldeisers ten aanzien van één goed met elkaar botsende rechten op levering, dan gaat in hun onderlinge verhouding het…

gecontroleerd
3:299 Artikel 3:299

Wanneer iemand niet verricht waartoe hij is gehouden, kan de rechter hem jegens wie de verplichting bestaat, op diens vordering machtigen om zelf…

gecontroleerd
3:300 Artikel 3:300

Is iemand jegens een ander gehouden een rechtshandeling te verrichten, dan kan, tenzij de aard van de rechtshandeling zich hiertegen verzet, de…

gecontroleerd
3:301 Artikel 3:301

Een uitspraak waarvan de rechter heeft bepaald dat zij in de plaats treedt van een tot levering van een registergoed bestemde akte of van een deel…

gecontroleerd
3:302 Artikel 3:302

Op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon spreekt de rechter omtrent die rechtsverhouding een verklaring van recht…

gecontroleerd
3:303 Artikel 3:303

Zonder voldoende belang komt niemand een rechtsvordering toe.

gecontroleerd
3:304 Artikel 3:304

Een rechtsvordering kan niet van het recht tot welks bescherming zij dient, worden gescheiden.

gecontroleerd
3:305 Artikel 3:305

De in de voorgaande artikelen van deze titel aan de rechter toegekende bevoegdheden komen mede aan arbiters toe, tenzij partijen anders zijn…

gecontroleerd
3:305a Artikel 3:305a

Een stichting of vereniging met volledige rechtsbevoegdheid kan een rechtsvordering instellen die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen…

gecontroleerd
3:305b Artikel 3:305b

Een rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 van Boek 2 kan een rechtsvordering instellen die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen van…

gecontroleerd
3:305c Artikel 3:305c

Een organisatie of openbaar lichaam met zetel buiten Nederland welke geplaatst is op de lijst, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van Richtlijn (EU)…

gecontroleerd
3:305ca Artikel 3:305ca

Op een rechtsvordering als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van Verordening (EU) 2019/1150 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019…

gecontroleerd
3:305d Artikel 3:305d

Het gerechtshof Den Haag kan op verzoek van een stichting of vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, die krachtens haar statuten tot taak heeft…

gecontroleerd
3:305e Artikel 3:305e

Onze Minister voor Rechtsbescherming wijst op aanvraag van een stichting of vereniging met volledige rechtsbevoegdheid met zetel in Nederland deze…

gecontroleerd
3:306 Artikel 3:306

Indien de wet niet anders bepaalt, verjaart een rechtsvordering door verloop van twintig jaren.

gecontroleerd
3:307 Artikel 3:307

Een rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst tot een geven of een doen verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang…

gecontroleerd
3:308 Artikel 3:308

Rechtsvorderingen tot betaling van renten van geldsommen, lijfrenten, dividenden, huren, pachten en voorts alles wat bij het jaar of een kortere…

gecontroleerd
3:309 Artikel 3:309

Een rechtsvordering uit onverschuldigde betaling verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de schuldeiser…

gecontroleerd
3:310 Artikel 3:310

Een rechtsvordering tot vergoeding van schade of tot betaling van een bedongen boete verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag…

gecontroleerd
3:310a Artikel 3:310a

Een rechtsvordering tot opeising van een roerende zaak die krachtens de nationale wetgeving van een lid-staat van de Europese Unie of van een andere…

gecontroleerd
3:310b Artikel 3:310b

Een rechtsvordering tot opeising van een roerende zaak die krachtens de Erfgoedwet als beschermd cultuurgoed is aangewezen of deel uitmaakt van een…

gecontroleerd
3:310c Artikel 3:310c

Een rechtsvordering tot teruggave van een roerende zaak op grond van artikel 6.7 van de Erfgoedwet verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang…

gecontroleerd
3:310d Artikel 3:310d

Een rechtsvordering tot bescherming van een bedrijfsgeheim als bedoeld in artikel 5, 6 en 9 van de Wet bescherming bedrijfsgeheimen verjaart door…

gecontroleerd
3:311 Artikel 3:311

Een rechtsvordering tot ontbinding van een overeenkomst op grond van een tekortkoming in de nakoming daarvan of tot herstel van een tekortkoming…

gecontroleerd
3:312 Artikel 3:312

Rechtsvorderingen terzake van een tekortkoming in de nakoming, alsmede die tot betaling van wettelijke of bedongen rente en die tot afgifte van…

gecontroleerd
3:313 Artikel 3:313

Indien de wet niet anders bepaalt, begint de termijn van verjaring van een rechtsvordering tot nakoming van een verplichting om te geven of te doen…

gecontroleerd
3:314 Artikel 3:314

De termijn van verjaring van een rechtsvordering tot opheffing van een onrechtmatige toestand begint met de aanvang van de dag, volgende op die…

gecontroleerd
3:315 Artikel 3:315

De termijn van verjaring van een rechtsvordering tot opeising van een nalatenschap begint met de aanvang van de dag, volgende op die van het…

gecontroleerd
3:316 Artikel 3:316

De verjaring van een rechtsvordering wordt gestuit door het instellen van een eis, alsmede door iedere andere daad van rechtsvervolging van de zijde…

gecontroleerd
3:317 Artikel 3:317

De verjaring van een rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis wordt gestuit door een schriftelijke aanmaning of door een schriftelijke…

gecontroleerd
3:318 Artikel 3:318

Erkenning van het recht tot welks bescherming een rechtsvordering dient, stuit de verjaring van de rechtsvordering tegen hem die het recht erkent.

gecontroleerd
3:319 Artikel 3:319

Door stuiting van de verjaring van een rechtsvordering, anders dan door het instellen van een eis die door toewijzing wordt gevolgd, begint een…

gecontroleerd
3:320 Artikel 3:320

Wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen zes maanden na het verdwijnen van een zodanige…

gecontroleerd
3:321 Artikel 3:321

Een grond voor verlenging van de verjaring bestaat:

gecontroleerd
3:322 Artikel 3:322

De rechter mag niet ambtshalve het middel van verjaring toepassen.

gecontroleerd
3:323 Artikel 3:323

Door voltooiing van de verjaring van de rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis gaan de pand- of hypotheekrechten die tot zekerheid daarvan…

gecontroleerd
3:324 Artikel 3:324

De bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een rechterlijke of arbitrale uitspraak verjaart door verloop van twintig jaren na de aanvang van de dag…

gecontroleerd
3:325 Artikel 3:325

Op de verjaring van het vorige artikel zijn de artikelen 319-323 van overeenkomstige toepassing.

gecontroleerd
3:326 Artikel 3:326

Buiten het vermogensrecht vinden de bepalingen van deze titel overeenkomstige toepassing, voor zover de aard van de betrokken rechtsverhouding zich…

gecontroleerd