Nederlandse wetgeving

Artikel 40

geldend

De indeling en de inhoud van de door de ambtenaar van de burgerlijke stand op te maken akten en de hierop betrekking hebbende latere vermeldingen · Gegevens die steeds in de akten, de akten van inschrijving, de latere vermeldingen en de uittreksels worden opgenomen

Besluit burgerlijke stand 1994 · Hoofdstuk 2 · Afdeling Tweede · Geldig vanaf 2015-07-01

Bron
1.

In het vierde gedeelte van elke akte, dan wel, indien deze niet is ingedeeld, aan de voet ervan worden vermeld:

a.

de naam en de voorletters van de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt;

b.

de plaats en de dag waarop de akte is opgemaakt;

c.

de handtekeningen van de ambtenaar van de burgerlijke stand en, voor zover van toepassing, van de partijen bij de akte, alsmede van de getuigen, dan wel de verklaring, bedoeld in artikel 20, tweede lid, van dit besluit.

2.

In het vierde gedeelte van elke akte van inschrijving worden de in het eerste lid, onder a en b genoemde gegevens vermeld, alsmede de handtekening van de ambtenaar van de burgerlijke stand.