Artikel 55
geldendBijzondere bepalingen · Verplichtingen ten dienste van de belastingheffing
Onze Ministers, openbare lichamen en rechtspersonen die bij of krachtens een bijzondere wet rechtspersoonlijkheid hebben verkregen, de onder hen ressorterende instellingen en diensten, alsmede lichamen die hoofdzakelijk uitvoering geven aan het beleid van de rijksoverheid, verschaffen, mondeling, schriftelijk of op andere wijze - zulks ter keuze van de inspecteur - de gegevens en inlichtingen, en wel kosteloos, die hun door de inspecteur ter uitvoering van de belastingwet worden gevraagd.
Onze Minister kan, op schriftelijk verzoek, ontheffing verlenen van de in het eerste lid omschreven verplichting.
Uitspraken van de Hoge Raad waarin dit artikel wordt toegepast.
Formeel recht; art. 8:42, lid 1, Awb; op de zaak betrekking hebbende stukken; in feitelijke instanties gevraagde maar niet-overgelegde stukken waarvan in de cassatiefase wordt erkend dat deze de inspecteur ter beschikking hebben gestaan.
Uitspraak op rechtspraak.nlArtt. 47 en 52a AWR; informatiebeschikking; gebruik van strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs in belastingzaken; bewijsuitsluiting; zozeer-indruistcriterium.
Uitspraak op rechtspraak.nlProcesrecht; artt. 47, lid 1, 52 en 54 AWR; informatiebeschikking; niet-verstrekken van niet-bewaarde privé-agenda’s met zakelijke afspraken.
Uitspraak op rechtspraak.nl