Dutch Legislation

Article 2b

in force

Introductory provisions · De referent

Aliens Act 2000 (Vw 2000) · Chapter 1 · Section 3 · In force since 2013-06-01

Source
1.

The sponsorship shall end in any event, if:

a.

another person acts as a sponsor for the purpose of the foreign national's stay in the Netherlands;

b.

the residence permit of the foreign national has been changed;

c.

the foreign national has been granted a residence permit for an indefinite period as referred to in Article 20;

d.

the foreign national becomes a Dutch national or must be treated as a Dutch national by virtue of any law;

e.

the sponsor has truthfully notified Our Minister, in accordance with rules established by Our Minister, of the termination of the relationship with the foreign national underlying the sponsorship, or of the definitive departure of the foreign national from the Netherlands;

f.

the foreign national has died.

2.

Our Minister shall notify the former sponsor of the termination of their sponsorship.

3.

Further rules regarding the termination of the sponsorship (referentschap) shall be established by or pursuant to an order in council (algemene maatregel van bestuur).

1.

Het referentschap eindigt in ieder geval, indien:

a.

ten behoeve van het verblijf van de vreemdeling in Nederland een ander als referent optreedt;

b.

de verblijfsvergunning van de vreemdeling is gewijzigd;

c.

de vreemdeling in het bezit is gesteld van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 20;

d.

de vreemdeling Nederlander wordt of krachtens enige wet als Nederlander moet worden behandeld;

e.

de referent aan Onze Minister overeenkomstig door Onze Minister gestelde regels naar waarheid mededeling heeft gedaan van de beëindiging van diens aan het referentschap ten grondslag liggende relatie tot de vreemdeling, dan wel van het definitieve vertrek van de vreemdeling uit Nederland;

f.

de vreemdeling is overleden.

2.

Onze Minister stelt de gewezen referent in kennis van de beëindiging van diens referentschap.

3.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de beëindiging van het referentschap.