Artikel 2.4
geldendRaamwerk · Heffingsgrondslagen
1.
Het belastbare inkomen uit werk en woning wordt bepaald:
a.
voor binnenlandse belastingplichtigen: volgens de regels van hoofdstuk 3;
b.
voor buitenlandse belastingplichtigen: volgens de regels van de afdelingen 7.2 en 7.5.
2.
Het belastbare inkomen uit aanmerkelijk belang wordt bepaald:
a.
voor binnenlandse belastingplichtigen: volgens de regels van hoofdstuk 4;
b.
voor buitenlandse belastingplichtigen: volgens de regels van de afdelingen 7.3 en 7.5.
3.
Het belastbare inkomen uit sparen en beleggen wordt bepaald:
a.
voor binnenlandse belastingplichtigen: volgens de regels van hoofdstuk 5;
b.
voor buitenlandse belastingplichtigen: volgens de regels van de afdelingen 7.4 en 7.5.