Nederlandse wetgeving

Hoofdstuk 1a

geldend

Visa

Vreemdelingenbesluit 2000 (Vreemdelingenbesluit 2000) · Artikelen: 10

1.23 Artikel 1.23

Bij een besluit betreffende de machtiging tot voorlopig verblijf is het belang van de internationale betrekkingen in ieder geval betrokken, indien de…

gecontroleerd
1.24 Artikel 1.24

De aanvraag tot het verlenen of wijzigen van een machtiging tot voorlopig verblijf of een terugkeervisum wordt gedaan door het indienen van een…

gecontroleerd
1.25 Artikel 1.25

Indien de vreemdeling, hangende de besluitvorming op een eerdere aanvraag tot het verlenen van een machtiging tot voorlopig verblijf, wijziging van…

gecontroleerd
1.26 Artikel 1.26

De vreemdeling legt bij de in persoon ingediende aanvraag, bedoeld in artikel 1.24, eerste lid, in ieder geval over een geldig document voor…

gecontroleerd
1.27 Artikel 1.27

De aanvraag, bedoeld in artikel 1.24, eerste lid, wordt getoetst aan het recht dat gold op het tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen, tenzij uit…

gecontroleerd
1.28 Artikel 1.28

Een terugkeervisum wordt niet geweigerd op de in artikel 2x, eerste lid, onder a, van de Wet bedoelde grond aan:

gecontroleerd
1.29 Artikel 1.29

De vreemdeling of referent die, hangende de besluitvorming op de aanvraag, bedoeld in artikel 1.24, eerste lid, verandert van adres, woon- of…

gecontroleerd
1.30 Artikel 1.30

De vreemdeling die na binnenkomst in Nederland niet langer voldoet aan de beperking waaronder de machtiging tot voorlopig verblijf is verleend of een…

gecontroleerd
1.31 Artikel 1.31

De medewerking, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onder c, van de Wet bestaat voor de toepassing van dit hoofdstuk uit:

gecontroleerd
1.32 Artikel 1.32

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze van indiening en de behandeling van een aanvraag tot verlening of…

gecontroleerd