Paragraaf C9/12
geldendHet asielbeleid ten aanzien van Egypte · Landgebonden beleid
12.1 Besluitmoratorium
Geen bijzonderheden.
12.2 Artikel 1F Vluchtelingenverdrag
Geen bijzonderheden.
12.3 Vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag (artikel 13 Kwalificatieverordening)
12.3.1 Groepsvervolging in de zin van paragraaf C3/3.2.3 Vc
Geen bijzonderheden.
12.3.2 Risicoprofielen in de zin van paragraaf C3/2.4 Vc
De IND merkt voor Egypte de volgende categorieën vreemdelingen aan als risicoprofiel:
(online) journalisten, mensenrechtenverdedigers of politieke opposanten/activisten
LHBTIQ+.
12.4 Ernstige schade in de zin van artikel 29a, eerste lid, Vw (artikel 18 Kwalificatieverordening)
12.4.1 Ernstige schade in de zin van artikel 29a, eerste lid, Vw en artikel 15, aanhef en onder a en b, Kwalificatieverordening, als bedoeld in paragraaf C3/3.3.2 Vc
12.4.1.1 Systematische blootstelling in de zin van paragraaf C3/3.3.2.1 Vc
Geen bijzonderheden.
12.4.1.2 Risicoprofielen in de zin van paragraaf C3/2.4 Vc
Geen bijzonderheden.
12.4.2 Ernstige schade in de zin van artikel 29a, eerste lid, Vw en artikel 15, aanhef en onder c, Kwalificatieverordening, als bedoeld in paragraaf C3/3.3.3 Vc
Geen bijzonderheden.
12.5 Bescherming
12.5.1 Bescherming door autoriteiten en/of internationale organisaties in de zin van paragraaf C3/3.4.1 Vc (artikel 7 Kwalificatieverordening)
Van personen behorend tot een van de hierboven genoemde risicoprofielen, die een gegronde vrees hebben voor vervolging, wordt niet verlangd dat zij de bescherming van de autoriteiten inroepen.
Geen bijzonderheden.
12.5.2 Binnenlands beschermingsalternatief in de zin van paragraaf C3/3.4.2 Vc (artikel 8 Kwalificatieverordening)
Ten aanzien van personen behorend tot een van de hierboven genoemde risicoprofielen, die een gegronde vrees hebben voor vervolging, wordt geen binnenlands beschermingsalternatief aangenomen.
Geen bijzonderheden.
12.6 Adequate opvang alleenstaande minderjarige vreemdelingen
De IND beoordeelt aan de hand van paragraaf B8/6 Vc of adequate opvang voor amv’s aanwezig is.
Voor Egypte geldt in zijn algemeenheid dat:
algemene opvangvoorzieningen niet beschikbaar en/of toereikend zijn; en
de autoriteiten geen zorg dragen voor de opvang.
Ondanks voornoemd uitgangspunt, kan in een voorkomend geval – na onderzoek – worden vastgesteld dat adequate opvang beschikbaar is en kan worden gerealiseerd.
12.7 Vertrekmoratorium
Geen bijzonderheden.