Nederlandse wetgeving

Paragraaf B9/7

geldend

Verblijfsvergunning na eerder verblijf als minderjarige vreemdeling in het kader van verblijf als familie- of gezinslid · Humanitair niet-tijdelijk

Vreemdelingencirculaire 2000 (B) · Hoofdstuk B9 · Geldig vanaf 2026-07-01

Bron

De IND verleent de verblijfsvergunning, als bedoeld in artikel 3.50, eerste lid, aanhef en onder a en b, Vb ook aan de vreemdeling die:

•.

in het jaar na zijn verblijfsaanvaarding in het kader van verblijf als familie- of gezinslid meerderjarig is geworden; of

•.

nog feitelijk bij zijn ouder(s) woont en van wie de gezinsband niet is verbroken en voldoet aan de voorwaarden van artikel 3.50 Vb.