Paragraaf B11/3
geldendBeperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur · Bijzonder verblijf
3.1 Beperking
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder b, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking: ‘verblijf als economisch niet-actieve langdurig ingezetene of vermogende vreemdeling’.
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder n, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.31 Vb aan de vreemdeling op wie artikel 13 besluit 1/80 van toepassing is, onder de beperking: ‘het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst’.
Op grond van artikel 3.4, vierde lid, Vb in combinatie met artikel 3.16a VV verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd in verband met de pilot huisvesting Akense niet-EU studenten onder de beperking ‘verblijf conform beschikking staatssecretaris’.
Op grond van artikel 3.4, vierde lid, Vb in combinatie met artikel 3.16a VV verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan de beoefenaar van een vrij beroep op grond van de handels- en samenwerkingsovereenkomst met het Verenigd Koninkrijk onder de beperking ‘verblijf als beoefenaar van een vrij beroep in de zin van het toepasselijke Handelsakkoord’.
Op grond van artikel 3.6ba, eerste lid Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier onder de beperking ‘verblijf conform artikel 3.6ba Vb’. De IND vermeldt bij de verlening van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘verblijf conform artikel 3.6ba Vb’ of het verblijfsrecht tijdelijk van aard is. Als de IND dit niet aangeeft, is het verblijfsrecht niet tijdelijk van aard.
Op grond van artikel 3.4, vierde lid, Vb in combinatie met artikel 3.16b VV verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking grenswachter van de grensbewakingsdienst van het Verenigd Koninkrijk. Dit in verband met grenscontroles ten behoeve van het rechtstreekse treinverkeer op het traject tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk.
3.2 Arbeidsmarktaantekening
Op grond van artikel 3.1, vijfde lid, onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening voor economisch niet-actieve langdurig ingezetenen en vermogende vreemdelingen: 'Arbeid vrij toegestaan, TWV niet vereist'.
Op grond van artikel 3.1, vijfde lid onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening voor het zoeken naar of verrichten van arbeid al dan niet in loondienst: 'Arbeid vrij toegestaan, TWV niet vereist'.
Op grond van artikel 3.1, vijfde lid, onder l, VV luidt de arbeidsmarktaantekening voor de pilot huisvesting Akense niet-EU studenten: ‘Arbeid niet toegestaan’.
Op grond van artikel 3.1, vijfde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening voor verblijf conform artikel 3.6ba Vb: ‘Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist’.
Op grond van artikel 3.1, vijfde lid, aanhef en onder b, VV luidt de arbeidsmarktaantekening in verband met verblijf onder de beperking grenswachter van de grensbewakingsdienst van het Verenigd Koninkrijk: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid niet toegestaan’.
Op grond van artikel 3.1, vijfde lid, aanhef en onder f, VV verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als beoefenaar van een vrij beroep op grond van de handels- en samenwerkingsovereenkomst met het Verenigd Koninkrijk: “TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid toegestaan mits TWV is verleend”.
3.2.1 Aantekening omtrent algemene middelen
Op grond van artikel 3.1, zesde lid, VV en hoofdstuk B1/5.2 Vc luidt de aantekening omtrent algemene middelen: “beroep op algemene middelen kan gevolgen hebben voor verblijfsrecht”.
3.3 Geldigheidsduur
Op grond van artikel 3.58, eerste lid, aanhef en onder b, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de geldigheidsduur van vijf jaar aan economisch niet-actieve langdurig ingezetenen.
Op grond van artikel 3.58, eerste lid, aanhef en onder b, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de geldigheidsduur van drie jaar aan de vermogende vreemdeling.
Op grond van artikel 3.58, eerste lid, aanhef en onder b, Vb verlengt de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de geldigheidsduur van vijf jaar aan de vermogende vreemdeling.
Op grond van artikel 3.58, eerste lid, aanhef en onder n, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de geldigheidsduur van ten hoogste één jaar voor het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst.
Op grond van artikel 3.4, vierde lid, Vb in combinatie met artikel 3.16a VV verleent de IND de verblijfsvergunning in het kader van de pilot huisvesting Akense niet-EU studenten met de geldigheidsduur van één jaar.
De verblijfsvergunning verleend in het kader van de pilot huisvesting Akense niet-EU studenten wordt ingevolge artikel 3.5, vierde lid, Vb aangemerkt als een tijdelijk verblijfsrecht.
Indien het verblijfsdoel tijdelijk is verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘verblijf conform artikel 3.6ba Vb’ met een geldigheidsduur van ten hoogste één jaar en verlengt de geldigheidsduur telkens met ten hoogste één jaar.
Indien het verblijfsdoel niet tijdelijk is verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘verblijf conform artikel 3.6ba Vb’ met een geldigheidsduur van ten hoogste vijf jaar en verlengt de geldigheidsduur telkens met ten hoogste vijf jaar.
Gelet op artikel 3.16b, derde lid, VV verleent de IND de op grond van paragraaf B11/2.6 Vc verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor de duur van de werkzaamheden, maar voor maximaal vijf jaar.
Op grond van artikel 3.16a, vijfde lid, VV verleent de IND de verblijfsvergunning van de beoefenaar van een vrij beroep voor de duur van de dienstverleningsovereenkomst, maar niet langer dan voor de duur van twaalf maanden. Een aanvraag om verlenging van de verblijfsvergunning kan slechts worden ingewilligd voor zover de maximale duur van twaalf maanden, te rekenen vanaf de ingangsdatum van de eerste inwilliging, niet wordt overschreden.
Na het verstrijken van die periode van 12 maanden kan een aanvraag om een verblijfsvergunning die betrekking heeft op dezelfde werkzaamheden bij dezelfde opdrachtgever als die waarvoor de eerdere verblijfsvergunning is verleend, pas worden ingewilligd met inachtneming van een redelijke termijn. Als norm voor deze redelijke termijn geldt dat de beoefenaar een periode van bij elkaar opgeteld maximaal 12 maanden binnen een periode van vierentwintig maanden op Nederlands grondgebied mag verblijven. Dit betekent bij voorbeeld dat de beoefenaar die voorafgaand aan de verblijfsaanvraag reeds 12 maanden als beoefenaar van een vrij beroep in Nederland heeft verbleven, eerst na een periode van 12 maanden opnieuw in aanmerking kan komen voor een verblijfsvergunning voor hetzelfde verblijfsdoel.
Als sprake is van andere werkzaamheden en/of een andere opdrachtgever dan die waarvoor de eerdere verblijfsvergunning is verleend, kan een nieuwe verblijfsvergunning op grond van de handels- en samenwerkingsovereenkomst met het Verenigd Koninkrijk worden gevraagd.
De verblijfsvergunning op grond van de handels- en samenwerkingsovereenkomst met het Verenigd Koninkrijk heeft een tijdelijk karakter. Daarom zal de IND in de inwilligende beschikking vermelden dat de verblijfsvergunning tijdelijk is (zie ook artikel 3.5, vierde lid, Vb).