Nederlandse wetgeving

Hoofdstuk III

geldend

Dwanginvordering

Invorderingswet 1990 (Invorderingswet 1990) · Artikelen: 11

11 Artikel 11

Indien de belastingschuldige een belastingaanslag niet binnen de gestelde termijn betaalt, maant de ontvanger hem schriftelijk aan om alsnog binnen…

gecontroleerd
12 Artikel 12

De invordering van de belastingaanslag kan geschieden bij een door de ontvanger uit te vaardigen dwangbevel.

gecontroleerd
13 Artikel 13

In afwijking van artikel 4:123 van de Algemene wet bestuursrecht geschiedt de betekening van het dwangbevel overeenkomstig de regels van het Wetboek…

gecontroleerd
14 Artikel 14

In afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht geschiedt de tenuitvoerlegging van een dwangbevel, dat op de voet van artikel 13…

gecontroleerd
15 Artikel 15

Met betrekking tot een naheffingsaanslag als bedoeld in artikel 9, achtste lid, en in de gevallen bedoeld in artikel 10 kan:

gecontroleerd
16 Artikel 16

Indien executoriaal beslag is gelegd op een in een of meer termijnen door de ontvanger uit te betalen bedrag op grond van een voorlopige aanslag in…

gecontroleerd
17 Artikel 17

De belastingschuldige kan tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel in verzet komen bij de rechtbank van het arrondissement waarbinnen hij woont…

gecontroleerd
18 Artikel 18

Op eerste vordering van ambtenaren van de rijksbelastingdienst of van opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van…

gecontroleerd
18a Artikel 18a

Bij de tenuitvoerlegging van een executoriale titel in opdracht van de ontvanger is artikel 475, derde lid, van het Wetboek van Burgerlijke…

gecontroleerd
19 Artikel 19

Een derde op wie de belastingschuldige een vordering heeft of uit een reeds bestaande rechtsverhouding rechtstreeks zal verkrijgen, is op vordering…

gecontroleerd
20 Artikel 20

In afwijking in zoverre van artikel 585, onder a, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een dwangbevel of een vonnis strekkend tot…

gecontroleerd