Nederlandse wetgeving

Artikel 1:441

geldend

Onderbewindstelling ter bescherming van meerderjarigen

Burgerlijk Wetboek — Boek 1 · Titel 19 · Geldig vanaf 2023-05-01

Bron
1.

Tijdens het bewind vertegenwoordigt de bewindvoerder bij de vervulling van zijn taak de rechthebbende in en buiten rechte. De bewindvoerder draagt zorg voor een doelmatige belegging van het vermogen van de rechthebbende, voor zover dit onder het bewind staat en niet besteed behoort te worden voor een voldoende verzorging van de rechthebbende. De bewindvoerder kan voorts voor de rechthebbende alle handelingen verrichten die aan een goed bewind bijdragen.

2.

Hij behoeft echter toestemming van de rechthebbende of, indien deze daartoe niet in staat of weigerachtig is, machtiging van de kantonrechter voor de volgende handelingen:

a.

beschikken en aangaan van overeenkomsten tot beschikking over een onder het bewind staand goed, tenzij de handeling als een gewone beheersdaad kan worden beschouwd of krachtens rechterlijk bevel geschiedt;

b.

een making of gift waaraan lasten of voorwaarden zijn verbonden, aannemen;

c.

geld lenen of de rechthebbende als borg of hoofdelijke medeschuldenaar verbinden;

d.

overeenkomen dat een boedel, waartoe de rechthebbende gerechtigd is, voor een bepaalde tijd onverdeeld wordt gelaten;

e.

het aangaan, buiten het geval van artikel 87 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, van een overeenkomst tot het beëindigen van een geschil, tenzij het voorwerp van het geschil een waarde van € 700 niet te boven gaat;

f.

andere bij de instelling van het bewind of nadien aangewezen handelingen.

3.

De kantonrechter kan ook aan de bewindvoerder een doorlopende machtiging met zodanige voorwaarden als hij geraden acht, verlenen om handelingen als in het vorige lid bedoeld te verrichten en een verleende machtiging te allen tijde wijzigen of intrekken.

4.

De bewindvoerder is, met uitsluiting van de rechthebbende, bevoegd de verdeling te vorderen van goederen, waarvan een onverdeeld aandeel tot zijn bewind behoort. Tot een verdeling, ook al geschiedt zij krachtens rechterlijk bevel, behoeft de bewindvoerder toestemming of machtiging overeenkomstig het tweede lid. De kantonrechter kan, in plaats van machtiging te verlenen, met overeenkomstige toepassing van artikel 181 van Boek 3 een onzijdig persoon benoemen, die in plaats van de bewindvoerder de rechthebbende bij de verdeling vertegenwoordigt.

5.

De bewindvoerder is, met uitsluiting van de rechthebbende, bevoegd een aan de rechthebbende opgekomen nalatenschap te aanvaarden. Tenzij de aanvaarding geschiedt met toestemming van de rechthebbende, kan de bewindvoerder niet anders aanvaarden dan onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

Uitspraken van de Hoge Raad waarin dit artikel wordt toegepast.

2025-06-20 · ECLI:NL:HR:2025:979

Personen- en familierecht. Procesrecht. Tijdens mondelinge behandeling hoger beroep gebleken bewind aan zijde moeder, ook reeds ten tijde van haar inleidend verzoek tot vaststelling kinderalimentatie. Toepasselijkheid regels HR 7 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:525. Herstelmogelijkheid in hoger beroep. Hoor en wederhoor t.a.v. na sluiting mondelinge behandeling in hoger beroep ingekomen verklaring bewindvoerder.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2025-05-16 · ECLI:NL:HR:2025:758

Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Meerderjarigenbewind. Erfrecht. Is bewindvoerder die is benoemd op grond van art. 1:431 BW wettelijke vertegenwoordiger als bedoeld in art. 4:193 BW? Geldt voor verwerping, beneficiaire aanvaarding en zuivere aanvaarding driemaandentermijn van art. 4:193 lid 1 BW? Geldt nalatenschap als beneficiair aanvaard als bewindvoerder deze termijn laat verlopen?

Uitspraak op rechtspraak.nl

2023-03-17 · ECLI:NL:HR:2023:429

Personen- en familierecht. Beschermingsbewind. Kantonrechter verleent aan bewindvoerder machtiging voor verkoop van woning van rechthebbende. Rechthebbende stelt van deze beslissing hoger beroep in. Hof bekrachtigt beslissing van kantonrechter. Vraag of hof rechthebbende ten onrechte ontvankelijk heeft geoordeeld. Belanghebbende in zin van art. 798 lid 1 Rv. Bevoegdheid rechthebbende om zelfstandig op te treden in rechte. Beperkingen voortvloeiend uit art. 1:438 leden 1 en 2 BW: daden van beheer en beschikking over onder bewind staande goederen. Vertegenwoordiging door bewindvoerder. Art. 1:441 BW.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2018-06-22 · ECLI:NL:HR:2018:979

Personen- en familierecht, procesrecht. Beschermingsbewind. Vermogen van de man onder bewind gesteld. Kantonrechter verleent machtiging aan bewindvoerder om accountant in te schakelen. Is echtgenote ontvankelijk in hoger beroep tegen beschikking kantonrechter? Begrip 'belanghebbende' in de zin van art. 798 lid 1 Rv. HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:463

Uitspraak op rechtspraak.nl

2014-01-24 · ECLI:NL:HR:2014:160

Familierecht. Onderbewindstelling. Verzoek bewindvoerder machtiging tot opheffing huwelijkse voorwaarden. Art. 1:441 lid 2 BW. Kring van belanghebbenden en recht van hoger beroep zoons van de rechthebbende. ‘Eigen rechten’ rechtstreeks in het geding? Art. 798 lid 1 Rv. Machtigingsprocedure geen ‘zaak van onderbewindstelling’ art. 798 lid 2 Rv (HR 11 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD4932, NJ 2002/463).

Uitspraak op rechtspraak.nl