Nederlandse wetgeving

Artikel 26a

geldend

Bezwaar en beroep · Beroep

Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) · Hoofdstuk V · Afdeling 2 · Geldig vanaf 2019-01-01

Bron
1.

In afwijking van artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan het beroep slechts worden ingesteld door:

a.

de belanghebbende aan wie de belastingaanslag is opgelegd;

b.

de belanghebbende die de belasting op aangifte heeft voldaan of afgedragen of van wie de belasting is ingehouden;

c.

degene tot wie de voor bezwaar vatbare beschikking zich richt;

d.

de laatste bestuurder, aandeelhouder of vereffenaar in geval van een belastingaanslag die is vastgesteld met toepassing van artikel 8, tweede lid, van de Invorderingswet 1990 aan een belastingschuldige die is opgehouden te bestaan of waarvan vermoed wordt dat deze is opgehouden te bestaan.

2.

Het beroep kan mede worden ingesteld door degene van wie inkomens- of vermogensbestanddelen zijn begrepen in het voorwerp van de belasting waarop de belastingaanslag of de voor bezwaar vatbare beschikking betrekking heeft.

3.

De inspecteur stelt de in het eerste of het tweede lid bedoelde belanghebbende desgevraagd op de hoogte van de gegevens met betrekking tot de belastingaanslag of de beschikking voorzover deze gegevens voor het instellen van beroep of het maken van bezwaar redelijkerwijs van belang kunnen worden geacht.

Uitspraken van de Hoge Raad waarin dit artikel wordt toegepast.

2025-11-28 · ECLI:NL:HR:2025:1801

art. 26a(2) AWR, art. 27h, lid 1, AWR, het belanghebbende-begrip, art. 6:13 Awb.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2025-07-11 · ECLI:NL:HR:2025:1124

Artikel 28 Wet WOZ; op naam van erven gestelde beschikking als bedoeld in artikel 22 Wet WOZ; beschikking op eigen naam.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2023-04-21 · ECLI:NL:HR:2023:543

Formeel belastingrecht. Bevoegdheid belastingrechter, ontbonden rechtspersoon naar Curaçaos recht, informatiebeschikking, artikel 47 en 52a AWR, bekendmaking.

Uitspraak op rechtspraak.nl