Nederlandse wetgeving

Artikel 126c

geldend

Eenige bijzondere dwangmiddelen · strafrechtelijk financieel onderzoek

Wetboek van Strafvordering (Sv) · Titel IV · Afdeling 9 · Geldig vanaf 2018-10-01

Bron
1.

De officier van justitie kan bij dringende noodzakelijkheid ter inbeslagneming elke plaats, alsmede een woning zonder toestemming van de bewoner doorzoeken indien zich daar vermoedelijk bescheiden of gegevens als bedoeld in artikel 126a of voorwerpen als bedoeld in artikel 94a bevinden.

2.

Artikel 97, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.