Nederlandse wetgeving

Paragraaf A5/4

geldend

Beschikbaar houden op grond van artikel 55, eerste lid, Vw · Vrijheidsbeperkende en vrijheidsontnemende maatregelen

Vreemdelingencirculaire 2000 (A) · Hoofdstuk A5 · Geldig vanaf 2026-06-12

Bron

Als de vreemdeling een eerste aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel indient start de fase van het ontvangen en voorbereiden asielaanvraag (verder OVA-fase, zie paragraaf A6/1).

De vreemdeling ontvangt een aanwijzing als bedoeld in artikel 55, eerste lid, Vw middels model M117-X, met de aanwijzing dat hij zich voor de screeningsprocedure beschikbaar moet houden.

Indien de vreemdeling zich niet houdt aan het opgelegde beschikbaarheidsregime, dan kan een aanvullende aanwijzing worden gegeven met een verder gaande vrijheidsbeperkende maatregel of vrijheidsontnemende maatregel.

Na het doorlopen van de OVA-fase of als de vreemdeling een (opvolgende) aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel of een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd indient, wijst de Korpschef de gemeente waarin de opvangvoorziening zich bevindt aan als plaats waar de vreemdeling zich in verband met de behandeling van zijn aanvraag moet verblijven. De Korpschef doet de aanwijzing zowel mondeling als schriftelijk. Voor de aanwijzing wordt het model M117-A gebruikt.

Vreemdelingen moeten zich beschikbaar houden op grond van artikel 55 Vw in een AC of opvanglocatie. Voor vreemdelingen die een aanvraag om een verblijfsvergunning regulier hebben ingediend kan dat de woon- of verblijfplaats zijn.

Als een vreemdeling ‘met onbekende bestemming’ is vertrokken, moet de Korpschef dit melden aan de IND, DTenV en het COA. Bij deze melding wordt een kopie van het model M117-A gevoegd. Het ‘met onbekende bestemming vertrokken zijn’ moet vastgesteld zijn door de Korpschef.