Nederlandse wetgeving

Artikel 62

geldend

De indeling en de inhoud van de door de ambtenaar van de burgerlijke stand op te maken akten en de hierop betrekking hebbende latere vermeldingen · De akte van overlijden en het uittreksel daarvan

Besluit burgerlijke stand 1994 · Hoofdstuk 2 · Afdeling Tiende · Geldig vanaf 2015-09-01

Bron
1.

Indien een lijk is gevonden en de plaats of de dag van overlijden niet met voldoende nauwkeurigheid kan worden vastgesteld, vermeldt de akte in het eerste gedeelte achtereenvolgens:

a.

de geslachtsnaam en de voornamen van de overledene;

b.

voor zover bekend, de plaats en de dag van geboorte van de overledene;

c.

het geslacht van de overledene;

d.

voor zover bekend, de woonplaats of de gewone verblijfplaats van de overledene;

e.

de plaats, de dag en het uur waarop het lijk is gevonden;

f.

voor zover bekend, de geslachtsnaam en de voornamen van de persoon met wie de overledene ten tijde van het overlijden gehuwd was dan wel met wie hij een geregistreerd partnerschap was aangegaan.

2.

De akte vermeldt in het tweede gedeelte de geslachtsnaam en de voornamen van de ouders van de overledene, voor zover deze bekend zijn.

3.

De akte vermeldt in het derde gedeelte:

a.

voor zover bekend, de geslachtsnaam en de voornamen van de persoon of van de personen, met wie de overledene eerder gehuwd of als partner geregistreerd was;

b.

de schriftelijke aangifte van de hulpofficier van justitie.

4.

De plaats waar het lijk is gevonden, wordt zo nauwkeurig mogelijk aangeduid.