Nederlandse wetgeving

Artikel 5

geldend

Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen · Geldig vanaf 1991-08-22

Bron

De Staten die partij zijn bij dit Verdrag, nemen alle passende maatregelen om:

(a).

het sociale en culturele gedragspatroon van de man en de vrouw te veranderen ten einde te komen tot de uitbanning van vooroordelen, van gewoonten en van alle andere gebruiken, die zijn gebaseerd op de gedachte van de minderwaardigheid of meerderwaardigheid van één van beide geslachten of op de stereotiepe rollen voor mannen en vrouwen;

(b).

ervoor zorg te dragen dat onderwijs over het gezin een juist begrip van het moederschap als sociale functie, en de erkenning van de gezamenlijke verantwoordelijkheid van mannen en vrouwen bij het grootbrengen en de ontwikkeling van hun kinderen bevat, met dien verstande dat het belang van de kinderen in alle gevallen vooropstaat.