Nederlandse wetgeving

Artikel 8:64

geldend

Behandeling van het beroep in eerste aanleg · Onderzoek ter zitting

Algemene wet bestuursrecht · Titel 8.2 · Afdeling 8.2.5 · Geldig vanaf 2013-01-01

Bron
1.

De bestuursrechter kan het onderzoek ter zitting schorsen. Hij kan daarbij bepalen dat het vooronderzoek wordt hervat.

2.

Indien bij de schorsing geen tijdstip van de nadere zitting is bepaald, bepaalt de bestuursrechter dit zo spoedig mogelijk. De griffier doet zo spoedig mogelijk mededeling aan partijen van het tijdstip van de nadere zitting.

3.

In de gevallen waarin schorsing van het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden, wordt de zaak op de nadere zitting hervat in de stand waarin zij zich bevond.

4.

De bestuursrechter kan bepalen dat het onderzoek ter zitting opnieuw wordt aangevangen.

5.

De bestuursrechter kan bepalen dat de nadere zitting achterwege blijft indien partijen daarvoor toestemming hebben gegeven. Artikel 8:57, tweede en derde lid, is van toepassing.